dinsdag 31 augustus 2010

Kindvriendelijke restaurants

Gezond en lekker eten

Veel mensen gaan minder uit eten zodra ze kinderen krijgen, maar tenzij het vanwege de kosten is, hoeft dat helemaal niet. Zelf ben ik van mening dat uit eten gaan een van de facetten is van een rijke pedagogische omgeving. Net als spelen met andere kinderen, meegaan naar het theater, buitenspelen, gesprekken voeren en ga zo maar door.

Gezond eten
Voeding is een belangrijk thema voor ouders; wat is gezond en wat minder? Wat is een evenwichtig voedingspatroon? Het krijgen van kinderen zorgt er vaak voor dat je je eigen eetpatroon weer eens onder de loep neemt en gezondere keuzes gaat maken; minder zout, meer groente en fruit. Dat maakt het ook zo bizar dat patat, kroket en appelmoes in een restaurant een ‘kindermenu’ genoemd wordt. In welke zin is zo’n gerecht geschikt voor kinderen? Het overschot aan verzadigd vet, zout en paneermeel? Het gebrek aan groente? Mijns inziens bestaat een kindermenu uit genoeg groente, volkorenproducten en weinig zout, suiker en overdadig vet. En natuurlijk, in een restaurant wil je lekker eten, dus het kindermenu moet ook aansluiten op de smaak van kinderen.

Je eigen rol
Er zijn maar weinig restaurants waarbij er in het ‘kindermenu’ veel groente zit. In een regulier restaurant zul je dus zelf moeten bedenken wat je je kinderen wilt geven. De algemene ervaring is dat de kok het altijd leuk vindt om kinderen iets gezonds voor te schotelen. Schroom niet om je voorkeuren aan te geven en vraag gewoon om zoutvrij eten. Wij vroegen lezers naar hun goede ervaringen met gezonde kindermaaltijden en aan de hand daarvan kwamen wij tot onderstaande lijst.

Kip-patat-en-appelmoesvrije kindermenu’s
In onderstaande restaurants staan er daadwerkelijk gezonde kindermenu’s op de kaart. Het voordeel hiervan is dat je van tevoren weet waar je aan toe bent en je niet zelf hoeft te bedenken wat een lekker en gezond gerecht voor je kind zou zijn.

Rendez Vous (Mijdrecht) serveert ook gerechten als frikadel met friet, maar altijd met salade. Bovendien hebben ze een uitgebreide kinderkaart waar ook genoeg gezonde maaltijden als een witvisje met peultjes en gekookte aardappel op staan.

Praq (Ouderkerk aan de Amstel) is een waar walhalla voor kinderen. Ze hebben onder andere de eerste prijs gewonnen voor gezondste en lekkerste kindergerecht op de Horecava 2009. Dit bestaat uit: Boers kipje met frites van Hollandse groente en een spies van krieltjes.

Restaurant Hagedis (Den Haag) is een biologisch en vegetarisch restaurant waar het kindermenu bestaat uit pizza met salade, kleine pasta met tomatensaus, kaas, noten en salade of een kleine dagschotel.

Bij Mexicaans restaurant Popecatepetl (zeven locaties door het land) krijgen kinderen bijvoorbeeld voor 4,50 een kleine burrito gevuld met bonen, maïs, gehakt of kaas, met daarnaast salade en rijst.

De Waaghals (Amsterdam) is een vegetarisch restaurant dat een toegankelijk menu wil serveren aan kinderen. De schotel bestaat uit: zelfgemaakte frites, kaasmedaillon of groentekroket, broccoli/boontjes/wortel (afhankelijk van wat er in huis is) en een beetje sla. Ze hebben helaas geen handige verschoonruimte.

Bij Wagamama (Amsterdam en Groningen) hebben ze geen friet. Een van de kindermenu’s is bijvoorbeeld: “Gefrituurde gepaneerde grote garnalen, geserveerd met japanse rijst, komkommer en een yakitori saus om te dippen”. Een goed restaurant om je kinderen kennis te laten maken met de Japanse keuken.

De Nadorst (Blokker, nabij Hoorn) heeft een uitgebreide kinderkaart. Met friet en appelmoes, maar je kunt ook kiezen voor groentensoep, een stukje gegrilde zalm of een pannenkoek met mozzarella, zongedroogde tomaten, olijven en ansjovis.

Oke oke, toegegeven, in een pannenkoekenrestaurant eet je doorgaans niet veel groenten. Toch is Theehuis Rhijnauwen (Bunnik) het vermelden waard aangezien ze grotendeels biologisch en fairtrade werken. En wat voor een hoop mensen helemaal fijn is: ze houden rekening met diverse allergieën. Hun pannenkoeken kunnen glutenvrij bereid worden, of met sojamelk.

Ook De Proeftuin (Eindhoven) heeft gluten- en koemelkvrije pannenkoeken op het menu staan. Daarnaast serveren ze ook kleine gerechten met fruit uit eigen boomgaard. De ingrediënten die ze gebruiken zijn veelal biologisch en van eigen land of uit de streek. De moderne en open inrichting is vriendelijk voor kinderen die moeite hebben met veel prikkels. Ideaal om te combineren met een bezoek aan hun landwinkel en met verschillende wandel- of fietsroutes

Bikken (Doetinchem) heeft een redelijk traditionele kinderkaart, maar er staat ook zalmfilet met pasta op de kaart. Verder bestaan de hoofdgerechten voornamelijk uit vlees. Gelukkig staat er expliciet dat je natuurlijk groenten in plaats van friet met appelmoes kunt bestellen.

Bij het Griekse restaurant I-Grec (Amsterdam) kun je betaalbaar en lekker eten in een kindvriendelijk restaurant. Zoals ze zelf zeggen: "De kunst van de Griekse keuken op IJburg". Het kindermenu bestaat uit gehaktballetjes met komkommer, vers fruit en zelfgemaakte frites, maar er is ook een aantal heerlijke tapas te verkrijgen.

Restaurants die graag een gezonde kleine portie klaarmaken
In deze restaurants staan geen gezonde kindermenu’s op de kaart, maar de ervaring van Kiindlezers is dat ze wel met liefde een volledige maaltijd voor je kind klaarmaken:

"Midzomernachtsdroom (Hoorn) serveerde mijn dreumes stukken komkommer, meloen en ander groente en fruit. Ze maakten veel contact met de kleine meid, wat ik erg leuk vond. Jammer dat er verder wel standaardkindermenu's op de kaart staan."

"Dulac (Amsterdam) heeft echt de ruimte voor rondscharrelende kinderen, het is een groot gebouw waarbij de tafels ver van elkaar af staan. Mijn net mee-etende baby kreeg een flinke bak yoghurt toen we er om vroegen en at verder met ons mee. Volgens mij hebben ze het niet eens in rekening gebracht."

"De Markerwaard (Enkhuizen) serveerde mijn allergische zoon een kipcocktail die koemelkvrij was en gaven vis in plaats van vissticks. Het was superservice, voor kinderen en volwassenen!"

"Bij Kimono (Almere) mocht mijn meisje gratis meeknabbelen van de Sushi (wat wil je ook als je Suzy heet?). Het was een grote hit; gemakkelijk met de hand te eten."

"Little V (Den Haag en Rotterdam) is Vietnamees en Lana heeft daar zelf gekozen van de kaart.
Traditionele vietnamese soep met rundvlees erin (hele grote kom met groenten, bouillon, mie en vlees) en kleine groentenloempiaatjes."

"Bij Olympia (Rotterdam) at mijn dochter tzatziki, garnalen, inktvis, olijven, gegrilde aubergine, spanakopita (filodeeg met feta en spinazie)."

Mist er nog een restaurant in de lijst? Mail naar info@kiind.nl

Meer weten?
Glutenvrij eten:
http://www.glutenvrijeten.nl/
Eet meer groenten:
http://www.eetmeergroenten.info/website/index.php

Sandii Zachte © 2010

Avontuurlijk kamperen

Op survival met het gezin

Voor kinderen is het eigenlijk het leukste om te kamperen op vakantie. Nu kun je er natuurlijk voor kiezen om hutjemutje op een sterrencamping te gaan staan, compleet met entertainmentprogramma en zwembad. Toch is dat niet noodzakelijk voor een geslaagde vakantie met het gezin. Het kan ook heel anders. Denk: rust, natuur en toch vermaak. Denk: weinig inpakken en snel op weg, samen koken en uitdagende activiteiten.

Wildkamperen staat voor: een paar dagen in het bos bivakkeren, spelen met stokken, boomverstoppertje spelen, picknicken, beestjes en planten bestuderen, knutselen met natuurlijke materialen en aan het einde van de dag moe maar voldaan in slaap vallen in de frisse lucht. Kinderen kunnen zich eindeloos vermaken op zo’n vakantie en ook jij komt echt tot rust. Je hebt tijd om eens een goed boek te lezen, een spel te spelen, een gesprek te voeren of gewoon naar de sterren te kijken. Kleine kinderen vinden het leuk om lekker met takjes en bladeren te spelen en grote kinderen maken graag een boomhut van dode takken.

Er wordt vaak gedacht dat je in Nederland niet vrij mag kamperen. Toch zijn er wel plaatsen waar dit mag. Op de website van Staatsbosbeheer vind je de adressen. Deze plaatsen zijn alleen te voet of per fiets bereikbaar. Er staat alleen een waterpomp en open vuur is verboden. Je mag er hooguit 72 uur staan met je tent. Het is wel spannend of er plaats is; er mogen maximaal drie tenten staan. Deze manier van kamperen wordt "Vrij kamperen" genoemd. Ze gebruiken ook de term "Puur kamperen". Hier is drinkwater, douche en toilet beschikbaar. Deze vorm van kamperen is ook al vrij van animatieteams, massale zwembaden en hutjemutjegevoel.

Met de fiets ga je op pad. Licht bepakt en vol energie. Mochten jullie samen een plek hebben gevonden, dan is het een uitdaging om met behulp van je omgeving een tent te maken. Neem waterdichte doeken mee en maak hier een tent van met behulp van touw, afgevallen stokken en takken en omringende bomen. Zorg dat je niet recht onder een boom ligt, want als het geregend heeft blijven bomen nog eindeloos nadruppelen. Mocht je last van muggen hebben, dan is een muskietennet prettig. Dit kun je aan de onderkant verzwaren zodat het niet steeds opwaait. ‘s Nachts wil je het natuurlijk niet te koud hebben en vooral je kinderen moeten comfortabel kunnen slapen. Zoek afgevallen droge bladeren en maak daar een dikke laag van. Daarop kun je natuurlijk een warme slaapzak leggen, maar je kunt ook kiezen voor een legerdeken of schapenvel. Je slaapt onder, of beter gezegd, tussen wollen dekens. Stop je kinderen in zoals baby’s worden ingebakerd. Onder dit artikel staat een link naar een filmpje waarop het wordt uitgelegd.

Bedenk goed wat je mee moet nemen op de reis. Winkels zijn in geen velden of wegen te bekennen, dus voorraad is belangrijk. Neem bij voorkeur droge voedingsmiddelen mee, die blijven lang goed: uien, knoflook, linzen, bonen, rijst, pasta, meel. In een buitensportwinkel kun je zeer voedzame droge crackers kopen, die kun je ook lang bewaren. Een beetje olijfolie is wel fijn, dan kun je ook nog eens iets bakken. Als het warm is kun je drinkwater koel houden door het in een zak te doen en in te graven, of door het aan een touw in een riviertje te hangen. Zorg dat je weet of er drinkwater in de buurt is. Bij de plaatsen van Staatsbosbeheer is water dat eerst gekookt dient te worden, het is dan handig als je flessen hebt die je kunt vullen en koelen. Neem niet teveel kleding mee. Warme kleding is prettig, maar bij zonnig weer kunnen je kinderen lekker bloot rondbanjeren: comfortabel en het scheelt in bagage. Een speelbroek kan bij het rauwdouwen wel handig zijn.

Meeneemlijst:
Waterdichte doeken
Touw
Muskietennet
(Thermos)fles
Droge etenswaar
Warme kleding
Wollen/legerdekens
EHBO-set, zonnebrand, anti-mug, tekentang.

Activiteiten
Ontdekken
Ga op zoek naar kleine kriebelbeestjes of zoek sporen van grotere dieren. Bedenk samen oplossingen voor problemen die je tegenkomt: ‘het regent, hoe houden we het droog?’. Laat kinderen bouwen met stokjes of stenen, bekijk ‘s avonds de sterren, laat ze hutten bouwen van rondzwervende takken.

Spellen
Speel boomverstoppertje, tikkertje en gezelschapsspellen.
Aan oudere kinderen kun je ‘s avonds spannende verhalen vertellen. Of je kunt met hen spookhuisje rondom de tent spelen.

Om te smullen
Bak pannenkoeken van meel en water en beleg ze met versgeplukte bramen. Maak een onkruidsoepje, trek thee van brandnetels, kamille of munt en bak broodjes als je op een plaats bent waar open vuur wel mag.

Recept onkruidsoep
Zoek in de omgeving naar eetbare groenten en kruiden. Zorg ervoor dat je zeker weet dat je geen giftige planten te pakken hebt. Doe een beetje olie in een grote pan en bak de groenten en eventuele uien en knoflook lichtbruin. Voeg water en kruiden toe en laat het doorkoken. Je kunt de pan ook in een doek en vervolgens in een deken wikkelen zodra de soep kookt. Dat scheelt weer gas, mocht je een gasbrander gebruiken.

Omdat je afhankelijk bent van wat er in de omgeving groeit, zal de soep bij iedereen anders worden. Voorbeelden van geschikte ingrediënten:
- Groenten als rucola, brandnetel, zevenblad, paardenbloemblad. Leg paardenbloembladeren een paar uur in koud water zodat ze minder bitter smaken.
- Kruiden als munt, bieslook, dragon, peterselie of rozemarijn.
- Meegenomen ingrediënten als ui, knoflook en aardappel, maar met een beetje geluk is dat ook in de omgeving te vinden. Mocht je geen aardappel hebben, kun je ook wat rijst of pasta meekoken zodat de soep een beetje vult.

Boeken om mee te nemen of te lezen ter voorbereiding:
“De gids voor de jonge trekker”, Manon van der Veen. Uitgeverij Casterman, 2001.
“Junior Survivalgids”, Son Tyberg. Uitgeverij Deltas, 2006.
“Lekkker landschap. Smullen van bos en veld”, Michiel Bussink. Uitgeverij wAarde, 2006.
“Veldgids voor kinderen, Ik ontdek de natuur!”. Stichmann, H. Haag & S. Walentowitz
“Insecten en kriebeldiertjes”. Verschillende auteurs, uitgeverij Deltas.
“Eetbare planten, bloemen en zaden uit de vrije natuur”, Francois Couplan. Synthese Uitgeverij, 2003.

Meer weten?
Op Kiind:
http://www.kiind.nl/articles/146/Wielen_Op_Weg.html
http://www.kiind.nl/blog/entry/51/Op%20een%20grote%20paddestoel.html
http://www.kiind.nl/blog/entry/39/Nachtelijk%20avontuur.html
http://kiind.nl/blog/entry/27/Genieten%20in%20het%20bos.html

Verder:
Inrollen in een deken (filmpje):
http://www.youtube.com/watch?v=Gx38go8-Ig8

Sandii Zachte © 2010

Reageren op gedrag

Logisch of natuurlijk gevolg

Hoe ga je om met een peuter die iets doet wat je echt niet wilt? Wat is een gepaste en zinvolle reactie op ongewenst gedrag? Moet je straffen? Het blijft een lastig thema. In dit artikel wordt verteld hoe je kunt zorgen voor een positieve situatie waarin logische gevolgen op gedrag worden gegeven.

Ontwikkeling van je kind
Ten eerste is het altijd belangrijk dat je kijkt vanuit de ontwikkeling van je kind. Immers: als je hiervan op de hoogte bent, zul je veel beter begrijpen waarom je kind iets doet. “Het lijkt wel of hij me pest”, is een veelgehoorde zin. Weten waar bepaald gedrag vandaag komt, zorgt ervoor dat je je minder snel boos maakt dan wanneer je geen idee hebt waarom je kind iets doet.

Het schattige kleine baby'tje wordt een schattig klein dreumesje dat de wereld wil ontdekken. Dit doen kinderen door grenzen op te zoeken. Dit klinkt negatief, maar dat is door de lading die er aan gegeven wordt; het betekent niet dat je kind jou probeert te pesten, maar dat hij of zij aan het aftasten is wat nou eigenlijk de bedoeling is. Wat wel en niet mag leren kinderen deels door te kijken naar de handelingen van de mensen in hun omgeving, maar ook door het allemaal maar gewoon te dóen. Kleintjes doen vaak dingen die jij niet wilt, omdat het nou eenmaal zo verleidelijk is. De priegelige snoertjes, die dvd-speler met zo’n grappig klepje, de aarde in de plantenbak die zo lekker voelt: het nodigt uit tot nader onderzoek. Uitleggen waarom iets niet mag, verduidelijkt voor kinderen een heleboel. Ondanks dat je baby nog niet zo veel begrijpt van het Algemeen Beschaafd Nederlands, kun je toch benoemen waarom iets niet mag, terwijl je hem of haar weghaalt van de plaats des onheils. Dit hoeft geen heel betoog te zijn, maar ‘au, dat kan pijn doen’, zal op een gegeven moment toch begrepen worden. In de loop der tijd gaan kinderen ook verbanden leggen; ‘niet met de snoeren mogen spelen’ en ‘niet aan de aansteker zitten’ staan niet los van elkaar, maar het heeft dezelfde reden: het is gevaarlijk. Het is niet volstrekt willekeurig wat wel en niet mag.
Ongewenst gedrag hoeft niet altijd onderzoekend kindgedrag te zijn, het kan bijvoorbeeld ook een vraag om aandacht zijn. Het is belangrijk dat het ongewenste gedrag dan wel benoemd wordt, het kind uit de situatie wordt gehaald en je vervolgens inspeelt op de daadwerkelijke behoefte die het kind uit. Kies dus samen een activiteit waarbij je aandacht naar je kind uit gaat.

Kinderen vanaf een jaar of zes zijn minder geneigd de regels in huis klakkeloos te accepteren. Ze beginnen te onderhandelen. Ze zullen ook steeds meer gaan vragen waarom iets dan niet mag. De gedachte achter de regel is belangrijk om te weten. “Omdat ik het zeg” is dus niet duidelijk genoeg en zal minder snel het gewenste effect hebben.

Voorspelbaar zijn
Het is belangrijk om voorspelbaar en duidelijk te zijn naar elkaar. Hiermee wordt bedoeld dat je steeds op vergelijkbare wijze reageert op bepaalde gedragingen van je kind of baby. Duidelijke rituelen zijn goed, ze maken de dag voorspelbaar. Niet reageren op gehuil omdat je consequent wil zijn is sterk af te raden, je negeert dan signalen van je kind, wat schadelijk kan zijn voor de hechting. Een kind dat de ene keer streng toegesproken wordt en de volgende keer zijn gang kan gaan, voelt zich minder veilig dan een kind dat altijd streng toegesproken wordt. Een kind heeft de behoefte om te weten waar hij aan toe is. Maar, als je erover nadenkt, hebben we dat niet allemaal?

Logische gevolgen
Wanneer je kind iets doet wat niet de bedoeling is, is het dus belangrijk om te kijken naar zijn ontwikkeling (waarom doet je kind dit?) en voorspelbaar te reageren. Probeer altijd een logisch gevolg te geven aan wat je kind doet. Een kind dat gaat klieren met zijn eten is blijkbaar klaar en het bord kan dus weggehaald worden. Een kind dat aan de snoeren gaat trekken, kan daar weggehaald worden. Wanneer je kind bij het alleen buiten spelen na duidelijke instructie tóch alleen oversteekt, kan hij misschien beter nog niet alleen buiten spelen. Deze gevolgen hebben direct effect: klieren met eten stopt als het bord weg is, snoeren trekken lukt niet als de snoeren buiten bereik zijn en alleen oversteken kan niet als je binnen moet spelen. Je kunt heel rustig blijven bij het geven van je reactie. Boos worden is onnodig: het zal niet meer effect oproepen. Ook is boosheid aan inflatie onderhevig: een ouder die vaak boos is, maakt op een gegeven moment weinig indruk meer op een kind. Een ouder die altijd rustig blijft, maar boos wordt op het moment dat het kind bijna onder een auto loopt, maakt wél veel indruk.

De stelregels:
1) Blijf altijd het goede voorbeeld geven
2) Wijs nooit je kind zelf af
3) Het gevolg is een logische consequentie
4) Het gevolg duurt niet te lang
5) Vermijd het gevoel van straf

Zorg er altijd voor dat je meteen na het voorval reageert en dat een gevolg ook meteen van kracht is. Voorkom het gevoel dat je straf geeft. Dus niet: ‘je hebt je broertje geslagen, nu moet je naar je kamer’, maar ‘jullie kunnen beter allebei even alleen spelen, dan hebben jullie meer rust’. Je vertelt wel dat slaan niet mag en zorgt dat het negatieve gedrag ophoudt, zonder dat er straf wordt gegeven. Wegsturen is sowieso akelig. Beter kun je je kind even bij je halen: ‘ga maar even naast me zitten’. Leid af: ‘help me maar met aardappels schillen’, of buig het gedrag om met een grapje.

Natuurlijke gevolgen
Bij de regels die je voor je kinderen hanteert, is het een uitdaging om te bedenken of je altijd moet ingrijpen. Wanneer je als regel hanteert: ‘we gaan meteen aan tafel als het eten klaar is’ en je zoon komt steevast pas na tien minuten, dan kan een gevolg zijn dat je boos wordt en hij je voor straf moet helpen met de afwas. Je kunt ook kiezen voor een natuurlijk gevolg: te laat aan tafel betekent dat het eten koud is. De meeste kinderen vinden dat niet prettig. Kinderen die elkaar pijn doen kun je soms ook beter even laten begaan, mits je een oogje in het zeil houdt en ze aan elkaar gewaagd zijn. Als je ze altijd overal voor behoedt, zullen ze zich niet realiseren wat het gevaar nou eigenlijk is. Kinderen hebben ruimte nodig om zich te ontwikkelen: door middel van klimmen en klauteren leren kinderen hoogtes in te schatten. Ook ontdekken ze wat hun mogelijkheden zijn.
Uiteraard is het wachten op een natuurlijk gevolg niet altijd mogelijk: een kind dat een snoer door probeert te bijten loopt serieus gevaar en moet daartegen beschermd worden. Maar bekijk eens wat vaker of je iets kunt laten begaan!

Straffen
Met straf bedoelen we een sanctie die je kinderen geeft nadat ze iets gedaan hebben waar je het niet mee eens bent. Een time-out is tegenwoordig een populaire straf; kinderen worden op een ‘stoutstoeltje’, in de hoek of op de trap gezet, voor het aantal minuten als ze in jaren oud zijn. Het stoutstoeltje is bekend geworden dankzij opvoedprogramma’s met Nanny’s. Toch is het ook bij Tischa Neve van het programma ‘Schatjes’ niet zo geliefd meer: “Als ik dat hoor, denk ik: 'Help, ik heb in mijn opvoedprogramma Schatjes zeker drie keer ouders geadviseerd hun kind op een stoutstoeltje te zetten.' Tegenwoordig doe ik dat ook niet meer zo snel. Ik ben anders gaan denken over straffen en belonen. (...) Ouders beginnen vaak gelijk met corrigeren, zonder na te gaan wat er achter het gedrag van hun kind zit." *1 Tegen een time-out valt in te brengen dat het niet erg leerzaam is en een kind het gevoel kan geven niet gewenst te zijn.
De betekenis van straf is volgens de Van Dale: “1 straf de; v(m) -fen maatregel tegen iem als vergelding voor een onrechtmatige daad, een verzuim of overtreding”.
Je kunt je afvragen of een ‘onrechtmatige daad’ vergolden moet worden. Het leven is een leermoment, geef kinderen de kans om er op een ontspannen manier achter te komen hoe het een en ander werkt, zonder de lading van straf. Vaak is het al genoeg om te zeggen dat je ergens niet blij mee bent en hoe je het liever zou zien. Kijk wat een logisch of natuurlijk gevolg kan zijn en probeer straffen te voorkomen.

*1 http://www.huilenbooszijnruzie.nl/index.php?pagina=artikelen.txt#3 “Wat is er mis met het stoutstoeltje?”

Sandii Zachte © 2010

Tasten en voelen

Zintuigelijke ontwikkeling

Kleien met rivierklei, schilderen met modder op grote vlakken, kneden met deeg, kledderen met behangselplak... Veel ouders zijn er niet echt dol op omdat hun kroost, hun huis en met een beetje pech zijzelf er vies van worden. Als alternatief worden keurige witte velletjes kopieerpapier met potloden en rubberen stickertjes aangeboden. Toch is het belangrijk om kinderen de ruimte te geven: kinderen moeten experimenteren.

Het belang van het ontwikkelen van de tastzin
Baby’s zijn heel erg bezig met de zintuigelijke ontwikkeling. Ze ontdekken de wereld door te proeven, kijken, luisteren, ruiken en te voelen. Maar ook oudere kinderen onderzoeken door hun zintuigen te gebruiken; iets wat vaak vergeten wordt. Dit artikel gaat met name over het voelen; de tastzin. Het tasten is nodig om de begrenzing te voelen; waar houdt mijn lijf op en begint de rest van de wereld? Kinderen vinden het fijn om omhuld te worden, het zogenaamde ‘baarmoedergevoel’, zodat ze de grenzen van hun lijf goed voelen. Dit is ook een van de redenen dat baby’s vaak rustig worden in een draagdoek.

Wat is de tastzin precies?
Proeven doe je met je tong, kijken met ogen, luisteren met je oren en ruiken met je neus. De tastzin is wel degelijk een orgaan, maar is wat minder zichtbaar. Rond de haarschacht in de huid vind je zenuweinden. Dit zijn de organen van de tastzin. Bij onbehaarde huid zoals je vingers zijn het de tastlichamen, die onder de opperhuid liggen.
Volwassenen kunnen meestal precies aangeven waar ze iets voelen, voor kleine kinderen is dit soms nog heel moeilijk. Tegen de tijd dat kinderen zeven zijn, kunnen ze materie ook voelen via een voorwerp; als ze met een stok in het zand prikken voelt dat anders dan als ze ermee in de modder prikken.
Men maakt onderscheid tussen de oppervlakkige en de diepe tastzin: de oppervlakkige tastzin is het ontvangen van prikkels op de huid. De diepe tastzin gaat onder andere over spierspanning. Kinderen leren door diverse ervaringen hoe ze hun spieren moeten aanspannen om in evenwicht te blijven. Ze leren hoeveel kracht ze moeten gebruiken en welke houding ze moeten aannemen. Goed ontwikkelde zintuigen zijn van belang om je motorisch te kunnen ontwikkelen: je kunt pas een bal vangen als je hem ziet. En een goede motorische ontwikkeling is nodig voor allerlei andere ontwikkelingen zoals de taal- en rekenontwikkeling. Door het ontwikkelen van de tastzin leren kinderen ook hoe ze minder snel vallen.

Huidcontact
Huid-op-huidcontact is van levensbelang. Dit klinkt cliché, maar uit diverse onderzoeken is naar voren gekomen dat baby’s daadwerkelijk overlijden als ze geen huidcontact krijgen. Ook oudere kinderen hebben veel behoefte aan huidcontact. Onvoldoende huidcontact kan leiden tot stress of angst. Bij het ontwikkelen van de tastzin hoort dan ook zeker het knuffelen en aanraken van anderen.

Materialen voelen
Laat kinderen kennis maken met allerhande materialen. Voor een dreumes blijft de papierbak honderd keer leuk: al die verschillende vormen, diktes en structuren van de papier- en kartonsoorten zijn intrigerend. Een leuke tip is om verschillende mandjes met materiaal te verzamelen; de ene keer zet je een mandje schelpen neer, een andere keer een mandje met verschillende soorten stenen of noten. Denk ook aan lapjes stof (bijvoorbeeld katoen, zijde, linnen en wol), veertjes of stukjes hout. Zet ook regelmatig een mand neer met van alles wat. Zo voelt een kind goed het verschil tussen koud en warm, hard en zacht, ruw en glad. Verwonder je als een kind en ga voer er gesprekken over.
Spelen met zand
De meeste kinderen spelen graag met zand. Als ze er voor het eerst mee in aanraking komen, vinden ze het misschien raar of zelfs onprettig voelen. Dit is niet gek: het is een totaal nieuwe ervaring! Sommige kinderen vinden het fijn om eerst een klein bakje zand te onderzoeken, voordat ze in een zandbak gaan zitten. Meestal duurt het ook een tijd voordat kinderen daadwerkelijk met het zand gaan spelen; het bevoelen is in het begin al interessant genoeg voor het kind. Het spelen met zand is voor veel kinderen een prettige beleving omdat ze er goed mee kunnen voelen waar hun lichaam eindigt, ze voelen de grenzen van hun lichaam. Bovendien kunnen ze er hun emoties goed in kwijt. Ze worden rustig van het kneden in en het strijken door het zand en kunnen er hun boosheid en angst mee kwijtraken door zand fijn te knijpen en te graven.

Spelen met water
Water is een heel intrigerend fenomeen: het kan van alles. Het kan hard worden als het koud is, maar het ijs kan ook weer smelten, het kan kletteren of druppelen, stromen en spatten, gieten en sijpelen, plonzen en golven. Voor kinderen een erg populaire onderzoeksbron dus! Een emmer water en een zeef bieden tal van spelmogelijkheden die weer anders zijn dan een badje met een paar flesjes of een gieter met een dienblad. Kinderen kunnen hun vingers door het water laten gaan, spetteren en het water vanaf verschillende hoogtes laten stromen. De activiteiten zorgen voor veel plezier, maar het spelen met water werkt ook rustgevend dankzij de zintuigelijke ervaring.

Vies worden
Zand en water; als kinderen met beide materialen kennis hebben gemaakt, kun je ze deze twee elementen laten combineren. Een gevulde gieter in de zandbak of andersom; een klein beetje zand in een emmer water strooien. Nu wordt het pas echt vies! Maar ach, kinderkleding gaat zo kort mee, het moet in die korte tijd wel goed gebruikt worden natuurlijk. Het is belangrijk om kinderen de ruimte te geven om te knoeien en vies te worden, zodat ze de materialen leren ervaren en daarmee hun tastzin goed ontwikkelen. Door een kind buiten op blote voeten te laten lopen voelt het het verschil tussen gras en zand, steen en aarde. Op Kiind staan gelukkig ook allerhande ideeën voor activiteiten waar kinderen hun zintuigen echt mee kunnen ontwikkelen.

Sensomotorische therapie
Voor kinderen die vaak vallen, niet soepel bewegen of op een andere manier last van hun lijf hebben maar ook voor kinderen die zich niet goed kunnen uiten, bestaat er sensomotorische therapie. Sensoriek is het verwerken van prikkels door middel van de zintuigen en motoriek is bewegen. Zoals eerder gezegd is het een onlosmakelijk verbonden met het andere. Bij de therapeut leren kinderen onder andere door middel van allerlei tastspelletjes lekkerder in hun lijf te zitten.

Meer weten?
Op Kiind:
Seksuele ontwikkeling
Masseren van kinderen
Grenzen van je kind
Seksuele voorlichting

Verder:
De eerste zeven jaar: kinderfysiologie, E. Schoorel. Uitgeverij Christofoor, 1998.
Startblokken van Basisontwikkeling, Frea Janssen-Vos en Bea Pompert. Uitgeverij Van Gorcum, 2003.
Samen masseren, Marijke Sluiter. Uitgeverij SWP, 2002.
http://www.bodymap.be/cms/index.php/sensorisch

Sandii Zachte © 2010

Vieze activiteiten

Binnen en buiten vies worden

Vies worden is belangrijk! Kinderen moeten de mogelijkheden krijgen om volop te onderzoeken en experimenteren, omdat ze daar veel van leren. Bovendien blijkt het ook belangrijk voor de gezondheid te zijn om vies door het leven te gaan. Daarnaast worden kinderen rustig en ontspannen bij het ervaren van verschillende materialen. Daarom heeft Kiind een lange lijst met vieze activiteiten gemaakt. Veel plezier en succes met vies worden!

Benodigdheden voor vieze kinderen:
* Een kind
* Stevige oude kleding, verfschort of regenkleding
* Een ruimte die vies mag worden (buiten bijvoorbeeld)
* Een vieze activiteit


Spelen

Spelen met zand, water en modder
Zand en water zorgen voor veel plezier. Fijn zand nodigt uit tot andere handelingen dan nat zand; met het laatste kun je ook stevige bouwwerken maken. Met nog meer water krijg je modder. Hier kun je ook heerlijk mee spelen.

Slootje springen
Zoek ondiepe kleine slootjes op en ga slootje springen. Voor kinderen onder de vijf is het springen over regenplassen al leuk genoeg!

Modderbad nemen
Er zijn meerdere opties om aan een modderbad te komen; als je op het platteland woont of een tuin hebt, kun je een stukje omspitten en volgieten met water of wachten op de regen. Anders kun je de zandbak volgooien met water. Ook kun je eerst onder de sproeier of tuinslang rennen om vervolgens door de zandbak te rollen.
Laat de kinderen rustig op onderzoek uitgaan - misschien willen ze er alleen maar in stampen, maar het kan ook dat ze er meteen enthousiast in gaan liggen rollen.

Zeepbaan maken
Voor een zeepbaan heb je een groot stuk zeil of plastic, water en groene zeep nodig. Smeer het zeepmengsel over de baan uit en laat de kinderen er lekker over glijden. Voor kinderen vanaf een jaar of zeven kun je het stuk zeil ook op een helling leggen; zo kunnen ze naar beneden roetsjen, of proberen naar boven te klimmen.

Scheerschuimschilderij
Scheerschuim voelt zacht aan en veel kinderen vinden het prettig om mee te spelen. Met een gladde ondergrond (bijvoorbeeld een spiegel) en een spuitbus scheerschuim kunnen kinderen lekker kliederen. Laat ze de ondergrond volspuiten met schuim en daarna met hun handen schilderen in het schuim.

Meelspel
Nodig: lekkernijen, bak met water en een bak met meel. Kinderen proberen met hun handen op hun rug eerst iets lekkers uit de bak met water te halen en vervolgens iets lekkers uit de bak met meel. Bah!

Eierlopen
Echt een spel voor buiten. Laat de kinderen onderzoeken hoe moeilijk het is om een ongekookt ei ongeschonden van de ene kant van de tuin naar de andere te krijgen.

Insmeren met olie
Kinderen kunnen elkaars rug masseren met olie. Sommige kinderen zullen moeten wennen aan de vette handen die je ervan krijgt, maar lekker is het ook! Uit onderzoek is gebleken dat kinderen die elkaar masseren elkaar minder slaan. Goed voor de sociale verhoudingen dus.

Modderschilderen
Op een groot stuk papier (een deel van een behangrol bijvoorbeeld) kun je een prachtig modderschilderij maken. Daarvoor heb je een bak modder, een afwasborstel, een slagroomspuit, een trechter en een zeefje nodig. Laat je kind experimenteren met spattende, vallende en smeerbare modder.

Zandschattenspel
Verstop voorwerpen in het zand. Denk bijvoorbeeld aan een bord of kopje, kommetjes, vaasjes, munten, kristallen of mooie stenen, oude knopen, sieraden en fossielen. Graaf de schatten als echte archeologen op met behulp van scheppen, lepeltjes en borstels. Voor jonge kinderen verstop je de voorwerpen heel oppervlakkig, maar hoe ouder kinderen zijn, hoe dieper je de voorwerpen in het zand kunt verstoppen.

Mengen en oplossen
Men neme kleine bakjes en water - koud en handwarm water. Geef verschillende producten: beetje afwasmiddel, zout, suiker, diksap, kleine stukjes crêpe-papier, thee, havermout, etcetera. Lever dit met verschillende bakjes, maatbeters en zeefjes, iets om mee te roeren en laat de kinderen volop experimenteren!

Knutselen

Stoepkrijtverf
Van stoepkrijt kun je poeder maken door er met schuurpapier overheen te gaan. Dit krijtpoeder kun je mooi uitsmeren op papier. Ook kun je het schaafsel mengen met een heel klein beetje water; dan wordt het verf en kun je ermee schilderen.

Bodypaint
Dit is een echte buitenactiviteit. Laat je kinderen in hun blootje, met een luier of in hun onderbroek lopen. Zet kleine bakjes met vingerverf of plakkaatverf neer en zorg voor groot papier zoals een rol behang. Laat kinderen hun gang gaan: over het papier lopen met verf aan de voeten, de buik lekker insmeren, rollen over het papier. Dreumesen vinden dit vaak al een leuke activiteit.

Papier-maché
Neem een pakje behangplaksel en maak dit aan volgens de instructie op de verpakking. Blaas een ballon op, scheur veel kranten in repen en beplak de ballon met de repen krant. Zorg voor zeker vier lagen krant en maak de krant ook goed nat met het plaksel. Laat de ballon zeker een week drogen. Eventueel kan de ballon dan opengeknipt of -gesneden worden. Beschilder dit vervolgens met bijvoorbeeld plakkaatverf. De kinderen kunnen er van alles van maken: rare beesten, een mooi ei, een masker of een schaaltje.

Fossiel maken
Sop een schelp in met afwasmiddel. Giet een gipspapje in een bakje. Druk de schelp in het gipspapje. Als het uitgehard is, haal je de schelp er weer uit. Het fossiel kun je bijvoorbeeld verstoppen in de zandbak voor het zandschattenspel! (zie boven)

Zandschilderij
Laat je kind eerst met (behang)plaksel over papier of karton smeren. Daarna kan hij/zij er zand overheen strooien, zodat het blijft kleven op het plaksel. Het lijkt wel magie! Als je een klein beetje kerrie- of paprikapoeder mengt met het zand, krijgt het zand kleur.
Het kan ook viezer: meng het plaksel van tevoren met het zand en laat je kind hiermee kliederen op een groot stuk karton.

Papier maken
Gebruik je oud papier om er prachtige nieuwe velletjes van te maken. Op Kiind vind je een beschrijving voor zaaipapier: papier dat je in de grond kunt stoppen en waar plantjes uit zullen groeien.

Klei van zand
Meng een kilo zand met 250 milliliter water in een oude pan en breng het aan de kook. Voeg dan nogmaals 250 milliliter water toe, maar nu vermengd met maïszetmeel. De massa wordt dikker als deze kookt. Zo niet, dan voeg je nogmaals water met maïszetmeel toe. Het mengsel wordt kneedbaar als het afkoelt. Nu kunnen de kinderen hiermee kleien. Zodra het opgedroogd is, is het kunstwerk hard!


Koken

Kneden en koken
Kinderen kunnen bij elk recept helpen met koken: laat je kinderen lekker met de handen alle ingrediënten door elkaar doen en de structuur van bijvoorbeeld couscous of pasta, noten, groenten, saus en kaas goed voelen. En wat is er lekkerder dan een zelfgemaakte maaltijd oppeuzelen? (Met de handen natuurlijk!)

Ontbijtkoekdrollen
Verkruimel een stuk ontbijtkoek en vermeng dit met een klein beetje water. Kneed de drol tot hij de gewenste vorm heeft. Eventueel kun je nog wat sesamzaad toevoegen voor een extra vies effect, en eten maar!

Pindakaas maken
Het leukste is om eerst met de kinderen pelpinda’s te gaan pellen. Vervolgens kun je de pinda’s roosteren in een pan, maar dat is niet per se nodig. Doe de pinda’s in een hakmolen of stamp ze in een vijzel en voeg olie toe: dit kan zonnebloemolie zijn, maar arachide-olie (pindaolie) is nog lekkerder. Doe de pindakaas in een oude glazen jampot en klaar is de huisgemaakte pindakaas! Laat dreumesen en peuters ook zelf proberen hun boterham te smeren.


Onderzoeken

Remspoorzoeken
Ga in het park of in het bos eens op zoek naar dierenpoep! Bekijk de konijnkeuteltjes, koeienvlaaien en muizendrolletjes eens goed. Neem vooral een loep mee! Met stokjes kun je de uitwerpselen grondig onderzoeken.

Vieze diertjes
Schenk eens extra aandacht aan wat in de volksmond ‘vieze dieren’ genoemd wordt; ga op zoektocht naar wormpjes en slakken, mieren en oorwurmen. Bekijk ze in hun omgeving of maak thuis een terrarium. Zorg dan wel voor voldoende zuurstof, voedsel en wegkruipmogelijkheden. Bespreek dat ook goed met je kind.

Boerderijdieren voeren
In de kinderboerderij zijn meestal wel dieren die je mag voeren. Dit kan weleens vies of eng gevonden worden. Laat kinderen op een ontspannen manier kennismaken met de dieren en doe eens voor hoe je een konijn of geit eten geeft. En jawel, een lik over je hand! Is dat vies?

Vindselmuseum maken
In het bos, park of langs het strand kun je vaak mooie spullen vinden: stenen, schelpen, stokken of huis-tuin-en-keukenvoorwerpen. Maak samen met je kinderen en vriendjes of buurkinderen een heus vindselmuseum. Pak het groots aan: stal de spullen mooi uit, timmer een bordje voor op de deur en nodig mensen uit om tijdens openingstijden te komen kijken.

Kindermoestuin
Zaadjes zaaien, kuiltjes graven, water geven, onkruid wieden; allemaal dingen die kinderen vaak heel leuk vinden. Geef je kind een klein stukje in de tuin of op het balkon en laat hem of haar eigen plantjes kweken in een kindermoestuin!

Voelspel
Doe allerhande gekvoelende kledder en prutjes in bakjes en laat je kind geblindeerd voelen wat er in de bakjes zit. Denk daarbij aan kwark, asperges, een stuk zeep, fijngehakt gekookt ei, jam, appelstroop, pindakaas. Leuk voor kinderen vanaf een jaar of zes. Voor die tijd is het ook leuk om kinderen zonder blinddoek kennis te laten maken met dit soort structuren.


Lezen

Floddertje
Floddertje is natuurlijk het meeste vieze meisje dat ooit bedacht is. Het boek van Annie M.G. Schmidt is leuk om voor te lezen aan kinderen van ongeveer drie tot acht jaar. In een van de verhalen valt er een emmer blauwe én een emmer rode verf over Floddertje heen; ze wordt dus helemaal paars. Na het voorlezen van dit verhaal kun je samen met je kind experimenteren met het mengen van verf. Dit kan met plakkaat- of vingerverf, maar ook met waterverf. (Uitgeverij Querido, 2004)

Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft
Mol wordt wakker en ontdekt een drol op zijn hoofd. Hij gaat op zoek naar de dader. In dit grappige prentenboek voor kinderen van twee tot zeven van Werner Holzwarth passeren allerlei dieren en hun uitwerpselen de revue. Leuk ter voorbereiding op het remspoorzoeken of het maken van een ontbijtkoekdrol. (zie boven) (Uitgeverij C. de Vries-Bouwers, 2002)

Dat is vies
In dit vieze boekje van Pittau en Gervais laat een meisje zien wat allemaal vies is: niezen zonder zakdoek, zeep eten en vogelpoep op je hoofd krijgen. Iedere pagina wordt zo’n zin gevolgd door: “Dat is vies!”. Voor je het weet zegt je kleintje het mee: “Dat is víes!”. Een mooie aanzet tot het doen van vieze dingen. (Uitgeverij Luister, 2001)

De viezertjes
Dit voorleesboek van Marianne Busser gaat over de vieze kinderen Prutje en Snotje die gaan wonen bij hun schone tante Dahlia. Kleuters zullen genieten van de vieze gebeurtenissen rondom dit stel. En misschien kun je je kinderen hun kleding ook eens laten wassen in de voor zich sprekende ‘Viezerette’!
(Uitgeverij Van Holkema en Warendorf, 1995)

Lekker vies!
Een leuk boek voor kinderen vanaf negen jaar is Ditte Merle’s boek ‘Lekker Vies’. Het boek bevat informatie over vieze dingen zoals oorsmeer, drollen en oogprut en wordt vergezeld door mooie pentekeningen. Uit dit boek blijkt maar weer dat vieze dingen er gewoon bij horen! Onderzoek hoe het lichaam nou precies werkt. (Uitgeverij Unieboek, 2002)

Sandii Zachte © 2010

Suiker, zout en witmeel

Niet kiezen voor de drie kwaden

Voor ouders is het soms moeilijk in te schatten wat wel en niet goed is voor je kind. We worden al jaren doodgegooid met voedingsadviezen, maar meestal gaat het hier om dieetadviezen. Zo gaan er bij veel mensen alarmbellen rinkelen bij producten met veel vet. Kleine kinderen moeten echter niet afvallen, maar gewoon gezónd eten. Er zijn drie producten die zeer veel gebruikt worden - zowel in voedsel voor volwassenen als voor kinderen - terwijl je ze eigenlijk zoveel mogelijk zou moeten vermijden. Dat zijn zout, suiker en witmeel. In dit artikel wordt uitgelegd waarom je zo terughoudend moet zijn in het gebruiken van deze producten.

Suiker
Suiker is om meerdere redenen niet goed voor je. Het levert enkel calorieën, en geen nuttige vitamines en mineralen. Je kindje is dus verzadigd en heeft geen plekje meer over voor voedsel waar wel vitamines in zitten. Een teveel aan suiker zet je in je lichaam om in vet, je wordt er dus dik van. Eenvoudige suikers zijn erg slecht voor het gebit, maar voor die lieve tandeloze mondjes.
Bovendien is eenvoudige suiker niet goed voor je suikerstofwisseling. Ons lichaam is gebouwd op het verwerken van complexe suikers zoals die in volkorenpasta, zilvervliesrijst en aardappels zitten. Dit mechanisme wordt verstoord door andere suikers, zoals witte suiker. Maar ook rietsuiker, ahornsiroop, honing en fruitsuiker (alle soorten suiker dus) verstoren het systeem. Op synthetische zoetstoffen reageert je lichaam hetzelfde. Bovendien is er over dat soort zoetmiddelen erg weinig bekend, een reden om er sowieso voorzichtig mee te zijn. Je lichaam streeft naar een stabiel bloedsuikerniveau. Als je iets eet, gaat het niveau omhoog, als je lang niets eet, gaat het niveau iets omlaag. Eenvoudige suikers laten het niveau heel erg stijgen. Hier reageert je alvleesklier sterk op. Een instabiele bloedsuikerspiegel kan zorgen voor vermoeidheidsklachten en zelfs voor diabetes type 2.

Suikers laat je dus het beste zoveel mogelijk uit het menu. Fruitsuiker is, zodra het uit het fruit gehaald is, ook gewoon pure suiker. Fruit is echter een volledig product: naast de suikers zitten er ook heel veel goede voedingsstoffen in. Deze voedingsstoffen zijn wel belangrijk om binnen te krijgen.

Zout
Ook zout is niet goed voor je, en al helemaal niet voor kleintjes. Het natrium dat in zout zit, verhoogt de bloeddruk. Britse wetenschappers hebben berekend dat bij een daling van de dagelijkse zoutinname met zes gram, het aantal hartinfarcten met achttien procent daalt en het aantal beroerten met vierentwintig procent. Omgerekend naar Nederlandse cijfers: als Nederlanders zes gram minder zout per dag zouden eten, zouden er hier 2284 sterftegevallen minder zijn per jaar! Teveel zout is ook erg slecht voor de nieren. Vooral voor die kleine niertjes van kinderen is het belangrijk ervoor te zorgen dat deze niet overbelast raken.
Gemiddeld eet een Nederlander niet (zoals door het Voedingscentrum wordt aangeraden) maximaal zes gram zout per dag, maar ongeveer het dubbele. Dat komt vooral door het zout dat in allerlei voedingsmiddelen is verwerkt. Ook als je nooit zout over je eten strooit, is de kans dat je teveel zout binnenkrijgt groot: 75% van het zout dat je eet, zit in kant-en-klare producten verwerkt.
Zolang baby's moedermelk of kunstvoeding krijgen, is de zoutinname heel laag. De inname stijgt drastisch zodra ze overgaan op vast voedsel. De aanbevelingen voor kinderen zijn anders dan voor volwassenen. Bij zeven tot twaalf maanden mag een baby maximaal één gram zout per etmaal, bij één tot drie jaar twee gram en bij vier tot zes jaar drie gram.

Verreweg het meeste zout krijgt een gemiddeld kind via brood. In brood zit een halve gram zout per sneetje. Als een kind van drie de door het Voedingscentrum aanbevolen hoeveelheid van drie sneetjes brood eet, dan heeft je kind al bijna het maximum van twee gram zout binnen, terwijl er nog niets op het brood zit! Hartig beleg is vaak ook erg zout, dus het is bijna niet te doen om je kind niet te veel zout te geven. Het is dus aan te raden om helemaal nooit zout toe te voegen aan het eten. Veel winst valt te halen uit het zelf maken van brood zonder zout. Dit scheelt een hoop zout op een dag. Op de website van de consumentenbond staat hoeveel zout er in bepaalde producten zit.

Kinderen zijn dol op extreme smaken. Zodra je kind suiker en zout eet, al is het af en toe, verpest je zijn smaak. Onbewerkte groenten, fruit en granen zullen laf gaan smaken en je kind zal het minder lekker vinden dan wanneer hij nooit zo’n sterke smaak als suiker of zout geproefd heeft.

Witmeel
Een derde boosdoener in het menu is witmeel. De vezels die in volkoren producten zitten, zorgen voor een goede stoelgang. Bovendien hebben ze een beschermend effect tegen overgewicht. Witmeel levert alleen calorieën en verder geen zinvolle voedingsstoffen. Je kunt er dik van worden, maar het grote gevaar is vooral dat de buiken al vol zitten, zonder dat kinderen belangrijke voedingstoffen tot zich hebben genomen. Erg ongezond dus. Zeker voor kleine kinderen die net gaan eten, kan witmeel bovendien zorgen voor verstopping van de darmpjes. Kies daarom bij voorkeur voor volkoren pasta, zilvervliesrijst en volkorenbrood.

Vet
Vetten hebben kleine kinderen dan wél weer nodig. Onlangs kwam in het nieuws dat peuters te mager zijn doordat ouders gewend zijn lightproducten aan te schaffen. Tegenwoordig gaan campagnes over gezonder eten vooral over vet, maar kleine kinderen kunnen best wat extra vetten gebruiken: besmeer een boterham dus gerust met boter of margarine. Ook voor de stoelgang kan het fijn zijn wat vet te gebruiken. Een baby die net oefent met bijvoeding kan een beetje verstopt raken. Vet kan er dan voor zorgen dat de spijsvertering weer goed op gang komt. Het is aan te raden om dierlijke en plantaardige vetten af te wisselen. Véél plantaardige vetten (want die leveren belangrijke onverzadigde vetzuren en vitamine E) en áf en toe dierlijke vetten (die vitamine A en D leveren). Dierlijk vet is echter verzadigd vet en dat is weer niet zo gezond. Daarom kan dierlijk vet beter met mate gebruikt worden.
Het is goed om zeker een keer per week vis te eten omdat dit belangrijke onverzadigde vissenvetzuren bevat die goed zijn voor de groei en ontwikkeling van je kleintje.
Kies voor vette vis. Kies overigens bij vlees wel altijd voor magere varianten: vleesvet is niet gezond.
Ezelsbruggetje is: verzadigd vet is verkeerd, onverzadigd vet is oké.
Het is voor veel mensen moeilijk om hier een evenwicht in te vinden. De Wereldgezondheidsorganisatie gaat er van uit dat een kind per 100 gram voedsel ongeveer 80 calorieën moet binnenkrijgen. Een kind van een half jaar heeft ongeveer 600 calorieën per dag nodig en een kind tussen de 1 en de 2 ongeveer 900 calorieën.

Meer weten?
Op Kiind:
http://www.kiind.nl/articles/63/Tussendoortjes.html
http://www.kiind.nl/articles/91/Normaal_voedingspatroon.html
http://www.kiind.nl/..._gebakken_lucht.html

Verder:
http://www.borstvoeding.com
http://www.voedingscentrum.nl
http://www.consumentenbond.nl

Sandii Zachte © 2010

Leuke dingen doen

Aan je relatie werken

Na het krijgen van kinderen heb je als stel vaak minder tijd voor elkaar. Er is op een dag ook zoveel te doen: je werkt, daarna speel je met de kinderen, verzorgt ze en ben je nog bezig met het huishouden. Even rustig op de bank zitten op een moment, kan niet altijd meer.
Ondanks het tijdgebrek is het toch is het belangrijk om altijd aan een relatie te blijven werken. Met elkaar blijven praten over je behoeftes en gevoelens is heel belangrijk, maar ook vaker leuke dingen met zijn tweeën doen goed voor je relatie. Wij geven hieronder al wat suggesties.

Daarnaast heeft Kiind een reeks inspiratiekaartjes ontworpen. Het idee is dat wanneer de kinderen ‘s avonds slapen, jullie aan de beurt zijn. Onderaan dit artikel vind je hier meer informatie over.

Suggesties voor buitenshuis
Vinden jullie het fijn om de natuur in te gaan? Pak de fiets en ga richting bos of duinen. Je kunt ook eens bewust verdwalen. Om de beurt kiezen jullie of je links- of rechtsaf gaat. Neem allemaal lekkers mee: broodjes, een thermosfles thee en misschien wat fruit. Of neem de kaart van je provincie en een pen. Kies je bestemming geblindoekt. Maak de keuze of je de betreffende plaats met de fiets, het ov of de auto bezoekt. Slenter door een gebied waar je wellicht nooit eerder geweest bent.

Kunnen jullie ontzettend met elkaar lachen? Ga dan eens iets mafs doen, iets waar je zelf niet zo snel op zou zijn gekomen. Voorbeelden hiervan zijn: koekknuffelen, indoor skydiven, gooien met verf, bezoek aan het “Beloofde Varkensland” een workshop smartlappen zingen, graffitiworkshop of een echt zandkasteel bouwen.

Wanneer jullie en de kinderen er al aan toe zijn om ze eens te laten logeren, dan kun je ook 'zomaar' eens een nachtje weekendje weg gaan. Bezoek een hotel, kruip samen in een tentje of laat je verwennen bij een Bed&Breakfast.

Misschien houden jullie wel van culturele uitstapjes. Samen naar het museum, een expositie, het filmhuis of de kunstuitleen kan een heerlijk uitje zijn. De nieuwe indrukken die je opdoet prikkelen vaak tot lange gesprekken en samen filosoferen.

Willen jullie graag iets romantisch doen? Ga dan uit eten, maar op een andere manier. Je kunt bijvoorbeeld restaurant hoppen: in het ene restaurant eet je alleen een voorgerecht, in het andere het hoofdgerecht en in een derde een nagerecht. Zeker in de zomer is dat leuk: je kunt dan terrashoppen. Vraag wel van tevoren of de restaurants het goed vinden.
Ook leuk en goedkoop is picknicken in het park of bos. Neem een mand met eten en kleed (het liefst met ruitjes natuurlijk) mee en ga rustig en uitgebreid lunchen in de natuur.
Andere ideeën zijn: dineren in een luchtballon, ezelrijden of samen naar de sauna.

Suggesties voor thuis
We hadden het er al eerder over: Kiind heeft een reeks inspiratiekaartjes gemaakt. Je bent natuurlijk wat minder flexibel dan vroeger, dus bij de ideeën gaan we er van uit dat jullie thuis blijven. Prik bijvoorbeeld een vaste avond in de week waarop je samen wat leuks doet. Print het bestand, knip de kaartjes uit en bewaar ze in een doosje of met een elastiekje er om heen. Kies om de beurt een kaartje of trek er eentje blind. De kaartjes zijn verdeeld in twee categorieën: doen en gesprek. Mocht je zelf nog een goed idee hebben, mail het ons via info@kiind.nl ! We maken in de loop der tijd een tweede versie van het spel. Klik op de pdf om het bestand te kunnen openen.

De meeste ideeën vind je via:
http://www.leukedingendoen.nl
http://www.dagjeweg.nl
http://www.kadopagina.nl

De inspiratiekaartjes:
http://babynatuurlijk.nl/kiind/leukedingendoen.pdf

Sandii Zachte © 2010

dinsdag 19 januari 2010

Normaal voedingspatroon

Niet diëten, maar gezond eten

Aan de ene kant tillen veel mensen niet zo zwaar aan gezonde voeding en vinden de huidige ‘eet gezond’-campagnes overdreven, aan de andere kant liegen de cijfers (onderzoek 2004) er niet om: Het aantal jongens dat op 9-jarige leeftijd te dik is, is toegenomen van 9,0 naar 16,1 procent. Dit is een toename van tachtig procent! Bij 15-jarige meisjes is het aantal dat te dik is zelfs verdubbeld van 10,0 naar 20,1 procent. De cijfers voor obesitas laten een minstens zo sterke groei te zien. Zo had in 1997 nog 1,2 procent van de vierjarige jongens obesitas, in 2002-2004 was dat al 3,8 procent. Bij 13-jarige meisjes is het percentage gestegen van 0,6 naar 2,7.(1)

Bovendien is er nog een probleem: diabetes type 2. Deze aandoening die vroeger bekend stond als een echte ouderdomsziekte is, komt nu voor bij 12000 kinderen. Dit aantal stijgt met drie procent per jaar. De enorme stijging komt vooral vanwege obesitas bij kinderen.
Naast diabetes en obesitas kunnen kinderen van een slecht voedingspatroon last krijgen van hart- en vaatziekten, neurologisch klachten krijgen en problemen bij de ontwikkeling van spieren en botten.

Normaal doen
In een artikel over te zware kinderen, las ik het volgende prachtige citaat:
“Dat (3 kilo verliezen bij overgewicht van een kind - red.) is niet eens zo moeilijk. Gezonder eten, meer bewegen. Mensen zeggen dan: ‘Je mag een kind zo een dieet niet aandoen.’ Maar dat ís geen dieet. Dat is normaal doen.” - Stefan Kleintjes.(2)

Wat is dan precies normaal doen? Een kind van een tot drie jaar heeft ongeveer 1000 calorieen per dag nodig, een kind van vier tot acht jaar 1400. Het spreekt voor zich dat twee a drie chocoladerepen (455 calorieen per stuk) per dag geen volwaardige en volledige voeding is. Het is dus niet alleen zaak om te letten op hoeveel je eet, maar ook op wát je eet.

Even calorieën tellen
Kinderen tot 3 jaar hebben ongeveer 150 gram fruit, drie boterhammen, 75 gram groente, 75 gram koolhydraten zoals aardappels, rijst, pasta en peulvruchten, 3 deciliter melkproducten, 10 gram kaas, 60 gram vlees(vervangers), vis of ei, 30 gram margarine, boter en olie en 7,5 deciliter vocht (inclusief melk) nodig volgens het voedingscentrum. Aangeraden wordt om dit te verdelen over zes eetmomenten, wat in de praktijk neerkomt op drie maaltijden en drie tussendoortjes. Een broodmaaltijd, een fruitmaaltijd en een avondmaaltijd kunnen dus aangevuld worden met drie tussendoortjes die de overige aanbevolen hoeveelheid inhouden.

Voorbeeld: Als je peuter ‘s ochtends twee sneetjes brood met daarop kaas, ‘s middags nog een boterham met een gekookt ei en een stuk fruit en ‘s avonds aardappelpuree (met melk en boter), een klein stukje vlees en een opscheplepel groente krijgt, heb je het volgende nog over voor de andere drie eetmomenten: een half stuk fruit, 200 mililiter melkproduct, 10 gram vetten en 6,5 deciliter vocht over. Wanneer je je kind tussendoor een half stuk fruit, wat rauwkost, een bakje yoghurt en verder water geeft ben je dus goed bezig.

Uiteraard is het niet nodig om deze aantallen heel strikt aan te houden, maar het voorbeeld is bedoeld om aan te geven dat kinderen al snel teveel eten op een dag. Meer suikers en vetten heeft een kind niet nodig. Een glas limonade bevat al gauw over de 50 calorieen per glas en bevat verder geen nuttige voedingsstoffen. Zo’n glas is dus geheel overbodig. Tel daarnaast een lekker koekje en je kind krijgt al meer calorieen binnen dan nodig.

Een kind van vier tot acht jaar heeft ongeveer 150 gram fruit, 125 gram groente, 120 gram brood (3 sneetjes), 125 gram koolhydraten uit aardappels, pasta, rijst en peulvruchten, 400 mililiter melkproducten, 10 gram kaas, 70 gram vlees(vervangers), vis en ei, 30 gram halvarine en bakvetten en een liter vocht (inclusief melk) nodig.

In deze leeftijd krijgen kinderen nog vaker zoetigheden aangeboden. Dit is allemaal overbodig en wordt genuttigd bovenop de dagelijks aanbevolen hoeveelheid. Natuurlijk moet eens iets lekkers kunnen, maar bedenk wel dat dit extra’s zijn en kunnen leiden tot overgewicht. Een volkoren koekje met stukjes fruit wordt vaak gezien als alternatief, maar het is een gezonde tegenhanger van zoete witmeelkoekjes.

Kijk naar je kind: kan het een extra boterham gebruiken? Prima! Pin je niet teveel op gemiddelden vast. Maar eens in de zoveel tijd eens kijken naar wat gemiddeld is, is misschien wel raadzaam.
Eet niet alleen gezond om overgewicht te voorkomen, maar vooral omdat je er een gezond lijf van houdt. Iemand die gezond eet en genoeg beweegt voelt zich fitter. Iemand die zich fit voelt beweegt meer en wordt gemiddeld ouder!

Bronnen:
(1) gepubliceerd onderzoek van TNO en VUmc (over de jaren 2002-2004)
(2) http://www.borstvoed...ws-belgie-050509.pdf
http://www.voedingsc...elheden-per-dag.aspx

Meer weten?
Het voedingsplan voor de kinderopvang van Kiind: http://babynatuurlijk.nl/kiind/kiind_voedingsplan.pdf
Het bijvoedingsforum: http://bijvoeding.freeforums.org

Sandii Zachte © 2010
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/01/2010

Duurzaam voelt goed

Biologisch textiel

Kleine kinderen hebben nog een erg dunne, zachte en dus gevoelige huid. Voor hen is het nog belangrijker dan voor volwassenen om niet in aanraking te komen met gifstoffen. Voor het maken van katoen worden veel gifstoffen gebruikt. Je kunt je indenken dat dit niet fijn is voor de huid. In dit artikel wordt het verschil aangegeven tussen de gangbare textielproductie en de biologische variant.

De laatste jaren is er veel gebeurd op duurzaamheidsgebied. Al Gore schreeuwde om klimaatverbetering en bedrijven moeten zich verantwoorden over hun beleid met betrekking tot het milieu en ethiek.
2007 ging volgens het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel de boeken in als een topjaar voor biologische producten. Er werd in dat jaar 530 miljoen euro uitgegeven aan biologische levensmiddelen. In de eerste helft van 2007 steeg de verkoop van biologische producten in de supermarkt met ruim 15%. En dat terwijl de verkoop in 2006 ook al met 10% was gestegen. Inmiddels is gebleken dat er in 2008 nog weer 12,4% meer aan biologische producten is gekocht.
Kortom, duurzaamheid is in.

"Na koffie zijn katoenplantages de meeste pesticidengebruikende gewassen"

Toch valt er op textielgebied nog veel winst te behalen. Vooralsnog richt men de pijlen vooral op voedsel. Beelden van onverdoofde gecastreerde biggetjes en kooikippen circuleren op het internet. Waarschijnlijk kiezen mensen door de zichtbaarheid van deze praktijken voor biologische alternatieven.
Duurzaam textiel heeft het wat dat betreft moeilijker; de voordelen hiervan ten opzichte van gangbaar textiel zijn niet goed zichtbaar te maken in een filmpje. Desalniettemin zijn er belangrijke redenen om voor biologisch textiel te kiezen. Hieronder staan diverse textielsoorten waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen de gangbare versie en de biologische versie.

Katoen
In tegenstelling tot de reputatie die katoen als natuurproduct heeft, is het zeer vervuild materiaal. Na koffie zijn katoenplantages de meeste pesticidengebruikende gewassen. Twintig procent van alle pesticiden en een tiende van álle onkruidverdelgingsmiddelen wordt gebruikt bij de katoenteelt, die daarentegen maar 2,4% van alle bebouwde land beslaat. Daarnaast wordt er bij het bleken en kreukvrij maken van de stof chloor gebruikt. Om een beeld te geven: voor één T-shirt wordt ongeveer 250 gram katoen en wel 125 gram chemische middelen gebruikt. Deze gifstoffen zijn slecht voor de huid. Naarmate er langer pesticiden gebruikt worden zullen insecten steeds resistenter worden waardoor er steeds meer gif nodig is. Dit is een doorgaand proces.
De gevolgen liegen er niet om: de percelen kunnen daadwerkelijk onbruikbaar worden door de bodemverontreiniging en erosie.

Biologisch katoen
Biologisch katoenplanten groeien op velden zonder kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen. Verder is biologisch katoen vrij van formaldehyde, de giftige stof die kleding kreukvrij maakt. Het verven van textiel is meestal milieubelastend. Ongebleekt en ongeverfd katoen is daarom het meest milieuvriendelijk. Toch is het duurzaam verven tegenwoordig in een ver stadium, waarbij minder gebruik wordt gemaakt van zware metalen en er minder water wordt verbruikt.

Zijde
Zijde an sich is een natuurproduct; het wordt immers door rupsen gemaakt. De rups scheidt een eiwitsubstantie af en dat stolt bij contact met de lucht. Hij spint een cocon waarna hij een vlinder wordt. Helaas wordt zijde niet duurzaam geproduceerd: de gekweekte rups wordt gedood zodra hij een cocon gemaakt heeft. Zo kan de cocon afgewikkeld en de draad gebruikt worden.
Hierna gaat de zijde in een badje dat de schoongemaakte draad zwaarder en voller maakt. Dat giftige badje is erg milieuvervuilend. Daarnaast is ook het verven van zijde een uiterst milieubelastend proces.

Biologische zijde
Bij wilde zijde wordt de cocon van de uitgevlogen vlinder gebruikt als grondstof. Wilde zijde betekent niet meteen biologisch. Er bestaat ook milieuvriendelijke zijde en deze wordt ook afgewerkt met verfstoffen zonder zware metalen. Op die manier zijn er op het textiel ook geen schadelijke resten aanwezig die aanleiding kunnen geven tot huidirritaties en allergieën bij je kleintje. Verder is het vrij van chemicaliën. Zijde is erg fijn voor het huidje, zeker bij huidirritaties. Bovendien voelt het warm in de winter en koel in de zomer. Ideaal dus.

Wol
Bij wol denk je al snel aan schapen, maar ook het haar van andere dieren -zoals van geiten, lama’s, kamelen, paarden, hazen en angorakonijnen - kan worden verwerkt tot textiel. Ook bij wol worden tal van chemicaliën gebruikt. Dit om te voorkomen dat er geen teken of andere insecten bij de dieren in de buurt komen, maar je kunt je afvragen waar een dier meer last van heeft. Gifstoffen zijn nooit bevorderlijk voor natuur en milieu. Ook nadat de wol is afgeschoren, tijdens het transport en bij de opslag wordt het volgestopt met chemicaliën.

Biologische wol
Bij biologische wol geldt dat noch de dieren, noch de gewonnen wol met chemische bestrijdingsmiddelen worden bewerkt. Bovendien wordt het welzijn van het dier belangrijk geacht. Biologische wol is een heerlijke stof om tegen je huid aan te voelen. Men denkt vaak dat het kriebelt, maar dat ligt aan de soort wol en hoe het geschoren is. Wollen rompertjes er dergelijke kriebelen helemaal niet en zijn juist fijn voor de huid. Zeker in de winter is het aan te raden om als onderkleding te dragen, het is namelijk lekker warm.

Viscose en bamboe-rayon
Beide soorten textiel worden vaak beschouwd als natuurlijke materialen. En hoewel de grondstof natuurlijk is, worden de vezels niet gebruikt om tot deze textielvorm te komen. Bij viscose wordt cellulose (een stof die de plant stevigheid geeft) uit hout of katoen gehaald wat vervolgens een aantal chemische processen doorloopt. Soms wordt cellulose ook uit bamboe gehaald. Dit heet dan bamboe-rayon, maar wordt soms ook viscose genoemd. De bijproducten van het proces om tot viscose te komen zijn erg milieuverontreinigend.

Biologische bamboe
Er is ook bamboe textiel op de markt dat wel van de bamboevezel wordt gemaakt. Deze variant is wel milieuvriendelijk vanwege de gunstige groei-eigenschappen van bamboe. Een volwassen plant maakt elk jaar nieuwe stammen aan die binnen een paar maanden groot worden. Na vijf jaar kunnen ze al gekapt worden, zonder dat de omvang van het bos achteruitgaat.

Milieuvriendelijke textielsoorten
Naast biologische versies van de gangbare textielsoorten, zijn er ook textielsoorten die van zichzelf al behoorlijk milieuvriendelijk zijn. Van linnen wordt vaak het kreuken kenmerkend genoemd, maar op milieugebied is het beter dan katoen. Hennep is een materiaal dat tot in de 20e eeuw voor allerlei toepassingen werd gebruikt, maar daar kwam in 1937 een einde aan, toen men Hennep leerde kennen als verslavend product en het werd verboden in Amerika. Gelukkig maakt Hennep nu een comeback. Het is sterk, kreukvrij en wordt duurzaam geproduceerd. Tot slot wordt sinds kort de brandnetel gebruikt om textiel mee te vervaardigen. Al in de tijd van Napoleon werd het ontdekt, maar katoen won toen de populariteitsstrijd. Omdat de brandnetelplant bestand is tegen ongedierte en ziekte is het niet nodig om bestrijdingsmiddelen te gebruiken.

Linnen
Linnen wordt gemaakt uit de vezels van de vlasplant. Het neemt veel vocht op en is luchtig. Het grote voordeel van de teelt van vlas is dat dit in vergelijking tot andere gewassen veel milieuvriendelijker is. Er zijn weinig bestrijdingsmiddelen en kunstmest nodig. Biologisch linnen, dat ook milieuvriendelijk bewerkt is, is echter nog nauwelijks te vinden.

Hennep
Op dit moment is hennep weer populair aan het worden. De hennepvezel is enorm sterk en zorgt dus veel minder snel voor slijtage dan katoen. Daarnaast heeft Hennep als voordeel dat het de snelst groeiende eenjarige plant ter wereld is. Schimmels en onkruid krijgt geen kans dankzij de dichte begroeiing. Bestrijdingsmiddelen zijn daarom niet nodig. De plant groeit bovendien gemakkelijk zonder kunstmest en put de grond nauwelijks uit.

Brandnetel
Brandnetelplanten zijn heel sterk en dus bestand tegen ziekten en ongedierte. Daarom vraagt deze teelt geen verontreinigende bestrijdingsmiddelen. De enige bekende gebruiker van brandnetel is het merk Brennels. Zij gebruiken wel kunstmest, dus helemaal biologisch is de teelt nog niet, maar het is wel veel milieuvriendelijker dan gewoon katoen.

Duurzaam
Tot slot is van belang te beseffen dat niet alleen het milieu-aspect een product duurzaam maakt. Bij het proces van het maken van textiel zijn veel mensen gemoeid. Helaas is er tot op de dag van vandaag nog veel sprake van uitbuiting door middel van te lage lonen, te lange dagen en andere slechte arbeidsomstandigheden. Er wordt tegenwoordig gelukkig steeds meer eerlijke kleding gemaakt, waarbij de werknemers een beter loon krijgen en met humanere arbeidsomstandigheden te maken krijgen. Onder andere het keurmerk fairtrade houdt zich hier mee bezig.

Meer weten?
Om te weten of kleding van een bepaald merk duurzaam geproduceerd is, kijk je op http://www.kledingchecker.nl.
Als je geïnteresseerd bent in het duurzaam produceren van je eigen producten, dan vind je handige informatie op http://www.organicexchange.org.
http://www.cbl.nl
http://www.biologisch-eten.nl
http://www.orimpex.nl
http://www.babynatura.nl/
http://www.allesduurzaam.nl/
http://www.goedewaar.nl
http://www.brennels.nl/

Sandii Zachte © 2010
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/01/2010

Waanzinnige Winter

Zo kom je de winter door

In de zomer ben je veel buiten, maar in een koude, gure winter heb je er vaak toch minder zin in. Je nestelt je met je kinderen in je warme huis en wil daar misschien het liefste een winterslaap doen. Toch is het belangrijk om ook ‘s winters naar buiten te gaan. Buiten zijn mogelijkheden te over om de motoriek, creativiteit en spel te ontwikkelen. Ook in de winter, of júíst in de winter: andere natuurelementen zorgen voor een andere spelbeleving en hebben dus een waardevol aandeel aan de ontwikkeling van je kind. Bovenal is het voor kinderen ook ‘s winters leuk buiten. Dit artikel staat boordevol activiteiten voor het gezellige binnen, maar ook voor het uitdagende buiten. Voor de buitenspellen geldt: oude kleren aan en achteraf lekker douchen. Geniet er van!

Als het regent
Regenkleding van vuilniszakken. Laat je kinderen hun eigen regenkleding ontwerpen. Met of zonder capuchon, misschien met opgeplakte zakken of een golvende rand onderaan. Daarna lopen jullie een modeshow, buiten in de regen uiteraard!

T-shirt beschilderen. Leg je t-shirt buiten in de regen neer met repen crêpepapier. Dit loopt uit en kleurt het shirt.

Modderglijden. Neem een flink stuk karton of een plank en ga naar een modderige heuvel. Laat je kinderen op de ondergrond naar beneden glijden. Je wordt er heerlijk vies van!

Modderbouwen. Vind jouw kind het roetsjen van een heuvel te eng? Met modder kunnen ze ook de mooiste kunstwerken bouwen. Voor peuters is dit al leuk, maar kinderen vanaf zeven jaar kunnen er ook nog veel plezier aan beleven.

Kanalen graven. Net zoals op het strand, kun je in de regen het water ook geleiden. In een modderpoel in park, bos of achtertuin graven de kinderen met handen of scheppen waterwegen. Neem plastic bootjes of simpele kurken mee om te laten varen. Neem ook andere materialen mee en test met de kinderen wat blijft drijven en wat zinkt.

Waterballonnen gevecht. Nat worden jullie toch wel, dus hup, vullen die ballonnen en gooien maar! Natuurlijk ruim je wel netjes alle kapotte ballonnen op. Waterpistolen werken ook prima. Doe dit lekker dicht bij huis, zoals in de achtertuin en spring daarna onder de douche.

Als het sneeuwt
Zoek en vind. Ligt er echt een behoorlijke laag sneeuw? Speel dat het winterse alternatief voor het eieren verstoppen dat je normaliter met pasen doet. Verstop eieren in de sneeuw. Eieren kunnen ook stuiterballen, plastic bekertjes of iets anders zijn wat niet drassig wordt in de sneeuw.

Speurtocht in de tuin. Ook in de winter kun je speurtochten doen! Zeker in de sneeuw, want daar kun je de kaartjes zo mooi in verstoppen. Als je de kaarten lamineert, blijven ze mooi en zijn ze te hergebruiken. Denk op het niveau van je kind. Je kunt bijvoorbeeld op alle kaarten een letter schrijven en deze vormen samen een woord of zin. Misschien wel zoiets als: “Kom je chocolademelk drinken?”. Dit is leuk voor kinderen vanaf een jaar of acht. Voor die tijd kun je een korter woord maken of met plaatjes een speurtocht maken.

Van sneeuw een mand of ton bouwen. Hiervoor moet het wel flink gesneeuwd hebben. Op anderhalve meter van de mand teken je cirkel in de sneeuw om de mand heen. Dan maak je sneeuwballen en probeer je ze in de mand te gooien.

Als het vriest
Schaatsen. Als het slechts heel lichtjes vriest en de sloot niet veilig is, kun je er voor kiezen om water over de tegels in de tuin te gooien uit bijvoorbeeld een regenton. ‘s ochtends kun je er dan overheen glijden. Dit hoeft niet op echte schaatsen, gewoon op goede schoenen kun je ook lekker glijden.

Stokken race. Op het ijs (eventueel zelfgemaakt op het terras zoals hiervoor beschreven) laat je stokken over het ijs glijden. Wie kan hem het verst laten glijden?

IJssculpturen creëren. Sommige plastic plantenbakjes hebben geen gaatjes onderin. Deze zijn ideaal voor deze activiteit. Vul ze met water en laat ze bevriezen. Om een ijssculptuur te maken, moet er gehakt worden in het ijs. Waarmee je je kind dat laat doen is afhankelijk van de leeftijd van je kind. Misschien vind je het wat eng, maar je zult zien dat kinderen heel voorzichtig zijn met echt gereedschap, als je ze goed instrueert. Een peuter of jonge kleuter kun je laten schuren met een stuk schuurpapier, een harkje en laten hakken met een stevige tak. Een iets ouder kind kan al goed aan de slag met een plamuurmes, een schroevendraaier of een kleine priem. Omdat het best kan gebeuren dat je kind per ongeluk het ijs geheel stuk maakt en omdat meerdere keren oefenen het leukste is, raden we aan om meerdere bakjes met water te vullen. Het eindresultaat hoeft uiteraard nergens op te lijken, deze activiteit draait om het ervaren van het materiaal.

IJsmobile maken. Pak zandvormpjes en vul die met water, stop er een mooi blad in (of schelpjes, kleine stenen, iets anders waar je kind mee komt), leg een stevig touwtje over al die bakjes heen waarbij het touwtje in het water van al die bakjes komt te liggen. Laat het bevriezen en haal het ijs uit de bakjes. De vormpjes hangen dan aan het touw, wat je als een slinger op kunt hangen. Hang het buiten op, het blijft dan langer mooi.

Vetbollen maken. Het is volop winter en veel vogels zitten al lang en breed in het warme zuiden. Toch zijn er ieder jaar ook een heleboel vogels die in Nederland overwinteren. Omdat het grootste deel van hun voedsel niet meer leeft, of diep onder de grond zit, vinden ze het fijn als jij en je kinderen hun helpen. Doe dit echt alleen als het vriest of sneeuwt, anders bestaat de kans dat de vogels overvoerd raken. Dit kun je doen door lekkere hapjes te maken. Maak een vetbol van een dennenappel. Maak hier eerst een stevig touwtje aan vast en smeer hem vol met schoon frituurvet. Vul hem helemaal met allerlei zaden.
Je kunt ook een pindaslinger maken. Aan een touw met naald rijg je ongepelde pinda’s en andere noten.

Als het waait
Vliegeren. Dit kan natuurlijk met een vlieger op het strand, maar ook met een plastic zakje aan een touwtje kunnen kinderen veel plezier hebben. Als je er met crêpepapier strookjes aan vast maakt, krijg je een extra feestelijk effect. Wat ook leuk is om crêpepapierstroken aan een dennenappel vast te maken en deze de lucht in te gooien of rennen met de dennenappel in je hand zodat de stroken achter je aan zwieren.

Windharp maken. Nodig: twee houten latjes, houtlijm, schelpen, stevig draad en een boortje. Boor gaatje boven- en onderaan de schelpen, rijg er een draad doorheen en maak onder en boven de schelp een knoopje. Doe dit meerdere keren, zodat je meerdere draden met schelpen hebt. Maak een kruis van de latjes en maak ze aan elkaar vast met houtlijm (of een schroefje en moertje). Maak met de boor gaatjes in de latjes en doe de draad er doorheen. Maak goed vast met knoopjes. Zonder latjes kan ook, dan maak je de harp vast aan een tak. Nou hang je de windharp buiten en luister je naar de muziek die de wind maakt.

Blaadjes laten dwarrelen. Vooral voor peuters en kleuters is het leuk om blaadjes in de lucht te gooien en naar beneden te laten dwarrelen. Dit kunnen ze vaak een hele tijd vol houden.

Wind maken. Ook dit is erg leuk voor peuters. Pak een verdwaald herfstblaadje en leg deze op de tafel. Probeer nu om eronder te blazen zodat het blaadje gaat bewegen.

Windmolen maken. Nodig: een blaadje -het liefst van iets steviger papier dan kopieerpapier- van tien bij tien centimeter, rietje, schaar, knopspeld, kraal, kurk, plakband. Knip het blaadje vanuit de punten richting het midden, tot halverwege. Je hebt nu vier flappen. Vouw steeds de rechterpunten hiervan naar het midden toe. Prik die vier punten vast met een knopspeld. Aan de achterkant schuif je de kraal over de speld, en prik je de speld door het rietje. Voor de veiligheid een kurk op de speld. En hup, de wind in met die molen!

Als het koud is
Op het strand eten. Maak rond een uur of vier met je kinderen een mooi zandkasteel. Maak daar omheen een kring van kuiltjes, met daarin waxinelichtjes. Als het donker wordt steek je alle kaarsjes aan. Ziet er prachtig uit, eet dan met elkaar in de lichtjes-kring.

Vuurtje stoken. Aan het einde van de middag maak je samen je kinderen brooddeeg. In de tuin steek je de vuurkorf aan. Met je kinderen zoek je goeie stokken en ze doen een klein beetje brooddeeg aan de stok. Terwijl zij hun brood laten garen, vertel jij een mooi verhaal. Drink hier warme thee of chocomel bij. En als het donker is kunnen jullie naar de sterren kijken!

Egelhuisje maken. Leuk om aan het begin van de winter te doen. De kleine egeltjes houden allemaal een winterslaap. Zoek samen met je kinderen in een boek op waar egeltjes graag in slapen. Ze zijn dol op bladeren. Verzin samen met je kinderen hoe je een egelhuisje kunt maken. Dit kan bijvoorbeeld met een houten kratje waar je heel veel bladeren overheen legt. Waarschijnlijk komen je kinderen ook met allerlei ideeën! Het huisje kunnen jullie in het bos of park achterlaten of in de tuin zetten. Leg wel goed uit dat egels niet gestoord moeten worden tijdens hun slaap.

Voor binnen
Sneeuwlandschap maken. Neem een witte of grijze kaars. Laat hiermee druppels was op je blaadje vallen. Omdat het papier ook wit is, zie je de stippen nog niet zo goed. De was laat je drogen. Met verf maak je nu een landschap. Op de plek van de was blijft geen verf zitten. Zo krijg je een mooi sneeuwlandschap. In plaats van papier kun je dit ook op schildersdoek doen.

Handspelletje. Dit is vooral leuk voor kleine kinderen.
De sneeuwman
(met de linkervuist op de tafel slaan)
en de sneeuwvrouw
(met de rechtervuist op de tafel slaan)
staan lekker in de kou.
Maar als de zon schijnen gaat,
verdwijnen ze heel gauw.
(bij ‘gauw’ sla je met beide, platte handen op de tafel)
De sneeuwman vindt zijn sneeuwvrouw
(met de linker- en rechtervuist vlak na elkaar op de tafel slaan)
een hele lieve snoes.
(steek de twee duimen naar elkaar toe)
Maar als het straks gaat regenen,
verdwijnen zij pardoes!
(verstop je handen achter je rug)

Iglo bouwen. Als je een nieuw apparaat koopt, zit je daarna met heel veel piepschuim. Zonde toch? Gelukkig is het ook leuk om met piepschuim te bouwen. Knip samen met je kinderen allemaal blokjes uit het piepschuim. Dit zijn allemaal bouwsteentje. Vervolgens kun je met die blokjes en lijm een iglo bouwen en deze op een stuk karton plakken. Piepschuim zorgt wel voor heel veel rommel in je huis!

Bordspel maken. Maak je eigen memory of ganzenbord. Het beste gebruik je hier stevig (zwaar) papier en verf voor. Bedenk samen hoe het er uit moet komen te zien en ga aan de slag.

Boekjes lezen. Mooie boeken zijn: “Sneeuwman, pak me dan” van Carry Slee, “Olles Skietocht” van Elsa Beskow, Tomte “Tummetot” van Astrid Lindgren, “Eekhoorns, muizen en andere dieren in de winter” van Monika Lange, “Van herfst tot winter” van Lidwien van Geffen, “Robin en Knor in de winter” van Sjoerd Kuijper, “Kikker in de kou” van Max Velthuijs, “Ik wil een diamant” van Jonathan Emmett, “Kan ik er nog bij?” van Loek Koopmans, “Winterfeest” van Vivian den Hollander en “Meneer Eekhoorn en de eerste sneeuw” van S. Meschenmoser.

Meer weten?
Lees op Kiind over het buitenspelen.
In het boek “Winterfeest” van Vivian den Hollander staan nog meer leuke ideeën voor activiteiten.
In “Ga buitenspelen!” van F. Danks staan veel knutselprojecten en spelactiviteiten voor in de natuur beschreven.
Ook in het boek “Spelen kan met alles” van Marianne de Valck vind je spelactiviteiten voor buiten, ook met slecht weer.

Sandii Zachte © 2009
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/12/2009

Slaapritueeltjes

De dag goed afsluiten

Moeilijk slapen
Iedere avond, en bij de kleinsten ook altijd overdag, leg je je kind in bed. Het liefste zou je willen dat ze meteen gingen slapen, maar zo werkt het in veel gevallen niet. Veel kinderen hebben moeite om in slaap te komen en willen liever bij je blijven, ook om te slapen. Of je er nu voor kiest om je kindje bij jou te laten slapen of in een eigen bedje, veel kinderen zijn gebaat bij een bedritueel.

Nut van een ritueel
Een slaapritueel maakt de overgang van de ene naar de andere situatie vloeiender, logischer en rustiger. Door steeds hetzelfde ritueel uit te voeren, zal je kind dit ook herkennen. Deze herkenbaarheid geeft je kind een veilig gevoel. Eigenlijk ben je bij het bedritueel bezig met ondersteunende communicatie: je handelingen en de voorwerpen die je daarbij gebruikt (boekje, lampje, liedje) verwijzen naar een andere situatie, die daarna komt: namelijk het slapen. Wat voor ritueel je hebt maakt niet zoveel uit, als je maar iedere keer min of meer hetzelfde doet. Kijk wel goed wat bij jouw kind werkt. Voor veel kinderen geldt: hoe rustiger, hoe beter, maar sommige kinderen kunnen een terugkerend grapje ook goed hebben.

Slaapritueeltjes bij baby’s
Ook baby’s kunnen al veel hebben aan een ritueeltje. Een voorbeeld hiervan kan zijn: eerst een kietelspelletje, dan een kusjesfeest, vervolgens verschonen en een slaapzak aan doen, kijken naar zijn spiegelbeeld, drinken en slapen. Hiermee wordt niet bedoeld dat je je kind moet laten huilen als het slapen niet wil lukken. Het is vooral zinvol omdat het het beginpunt van de nacht aangeeft. In de loop der tijd verandert een slaapritueel meestal.

We hebben jullie opgeroepen jullie slaaprituelen te vertellen aan ons. Hieronder vind je een selectie.

Elin is een heerlijke 2,5 jarige peuter. Ze is een echte slaapkop en heeft altijd eigenlijk goed geslapen, zowel overdag als ‘s nachts. In haar wiegje, in de wandelwagen, in de draagdoek, ledikant en toen was er opeens een juniorbedje…
Leuk een juniorbedje, staat zo gezellig in haar kamer, een echt meidenbed. Enige nadeel is: ze kan er ook uitklimmen. En dan niet een keer maar tientallen keren! Daarbij komt dat ze opeens de leeftijd heeft bereikt waarop ze de dingen van de dag echt moet verwerken en een plekje moet geven.
Tijd voor een nieuw bedritueel dus, niet alleen meer pyjama aan, liedje zingen, kusje en zwaaien maar iets uitgebreider de dag afsluiten en de nacht beginnen.
Sinds kort zetten we de bewuste dingen die Elin die dag niet leuk gevonden heeft zoals de boze buien, de regen en bijvoorbeeld het vallen aan de kant bij het kleren uitdoen.
“Dag kleren! Dag boze buien! Dag vallen!” En we doen de slaapkleren aan vol mooie gevoelens en dromen.
Daarna gaan we verhaaltje voorlezen, ze mag zelf het voorleesboek kiezen. Dan maken we haar huisje door de armen over haar bovenlichaam te kruisen met de handen op de schouders. Ik vertel dat dat huisje van haar is en dat ze in dat huisje alle dingen kan dromen en beleven die ze wil beleven. Als ze dingen niet wil dan kan ze zeggen dat ze weg moeten gaan.
Vervolgens vraag ik “Wat vond je het allerleukste vandaag?” en dan hebben we het daar eventjes over. Dan komt het kusjesfestijn. Alle vijf de knuffels en Elin krijgen dan een kusje en sóms wel meer dan een! Hierna gaat de klamboe dicht en het licht uit en haar muziekdoosje aan. We zwaaien met handkusjes en Houvanje's.

Als ze dan alsnog uit haar bedje klimt, dan leggen we haar zonder iets te zeggen terug, doen we de klamboe dicht, het licht uit en haar muziekdoosje aan.
We gaan de kamer uit. Soms komt ze er dan nog een keer uit en dan herhalen we dit. Tegenwoordig komt het nog maar sporadisch voor dat ze eruit klimt en gaat ze gelukkig weer gewoon lekker en rustiger slapen.


Marije Denekamp, moeder van Elin (2,5 jaar)


Ikzelf ben iemand die heel erg van regelmaat houd, dus bij onze dochter zijn we ook vrij snel een ritme gaan volgen bij het naar bed brengen.
Voordat ze naar bed gaat krijgt beneden iedereen een kus die niet mee gaat met het naar bed brengen.
Boven in de badkamer worden de kleren vervangen door de pyjama. Daarna volgt haar pufje, tandenpoetsen en wat water drinken. Dan wordt er naar de spiegel gezwaaid.
In haar kamertje gaan we in de schommelstoel zitten en voorlezen. Standaard een boekje voorlezen en een boekje waar ze zelf wat mee kan: een kartonnen kijk- en speelboekje bijvoorbeeld.
Hierna krijgt ze haar speen en zingen we het gebedje. Na het volmondig amen gaan we nog even vrije vrije en geven we een dikke zoen.
Dan mag ze zelf een knuffel uitzoeken die mee gaat in bed -ondanks dat het meestal dezelfde is- en wordt ze in bed gejonast.
Het ritme is er al heel vroeg in gekomen, sommige dingen veranderen met de tijd en sommige gewoontes heeft onze dochter er zelf in gebracht zoals het zwaaien naar haar spiegelbeeld.

Joke Vermanen, moeder van Hannah (1,5 jaar)


Ik heb onlangs een redelijk goed werkende manier ontdekt voor mijn zoon van vijf voor het slapen gaan.
Hij is een kind dat niet veel slaap nodig heeft, da's punt 1, maar in de zomer maakte hij het vaak erg bont: om 22.00-23.00 slapen was soms eerder regel dan uitzondering. En niet alleen als kind van vijf, maar ook toen hij jonger was. En dan moesten we er ook nog vaak heen moeten en boos worden.

Nu breng ik hem vaak zo tussen 19.30 en 20.00 uur naar bed, pyjama, tandenpoetsen, plassen -wat hij niet altijd wil- en uiteraard voorlezen. Voorheen mocht hij spelen, maar hij ging maar door en daardoor werd het laat. Nu geef ik hem een minuut of 10 à 15 de tijd om nog even te spelen. Op de klok kan hij zien hoe laat het is en komt tegenwoordig zelf (ja, ja!) naar me toe: “Mama, het is tijd!”. Dan doen we nog een liedje dat hij mag kiezen en daarna is het tijd om te slapen. Soms moet hij nog wel een plas doen (als hij voorheen zeker wist dat hij niet hoefde), en nog een beetje gerommel, maar toch beduidend minder dan voorheen. Ook komt hij er veel minder vaak uit.
Hij weet nu waar hij aan toe is, wat er van hem verwacht wordt en gaat daarmee akkoord.


Léontine moeder van zoon (5 jaar)


Misschien heb je hier wel iets gelezen wat je aanspreekt en wat je gaat uitproberen. Een bedritueel lost niet zomaar alle slaapproblemen op, maar het kan wel bijdragen aan een fijnere afsluiting van de dag.
Heb je wat aan de tips gehad? Dat vinden we leuk om te horen! Mail het ons via info@kiind.nl

Meer weten?
Boek: “Lekker slapen zonder huilen”, Elisabeth Pantley. Uitgeverij Scriptum, 2006.

Sandii Zachte © 2009
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/12/2009

Op de beurs

Verslag van de Ouders Natuurlijk! beurs

Zondag 15 november was het zo ver: de eerste editie van de leukste en meest duurzame ouderschapsbeurs van Nederland; de Ouders Natuurlijk! beurs. Wij van Kiind hadden een standplaats op de beurs en verzorgden een lezing over bijvoeding.

Omdat we van ver kwamen en vroeg op zouden moeten, hebben we overnacht in een heel fijne Bed & Breakfast in Enschede, dus het was meteen een teambuildingsweekend voor ons. Op weg naar de beurs zat ik nog vast met de auto in een weiland, dus daar moesten sleepkabels aan te pas komen. Gelukkig is het uiteindelijk gelukt om ter plaatse te komen. Op de beurs zat te stemming er al meteen in. Terwijl wij in noodtempo onze marktkraam optuigden, waren anderen al helemaal gesetteld. Het zag er prachtig uit: een ruimte vol warme en vrolijke kleuren. Er was uitdagend speelgoed, vrolijke kleding, mooi handwerkmateriaal en er waren milieuvriendelijke verzorgingsproducten. We hebben mooie popjes geknuffeld, fijn textiel bevoeld en mooie draagdoeken gezien.

Naast al die mooie producten, was er ook veel te leren. Zo gaf de Vereniging van Draagdoekconsulenten advies over draagdoeken en was er informatie te verkrijgen over kruidengeneeskunde. In de loop de dag werden er meerdere lezingen gegeven. Bijvoorbeeld over babygebaren en borstvoeding. Ikzelf gaf een lezing over bijvoeding. Ik vond het mooi om te zien dat ouders elkaar bij de vragenronde advies gingen geven en spraken vanuit hun eigen ervaring. We hadden een stapeltje voedingsplannen klaarliggen om mee te nemen en bundels van al onze voedingsartikelen. Deze werden gretig meegenomen en gingen allemaal op!

Ook aan de kinderen was gedacht: in de loop der tijd transformeerden de kinderen van lieve kinderen naar lieve vlinders en dieren door middel van sminck en was er een mooie theatervoorstelling waar ze naar konden kijken.

Ons streven was natuurlijk om Kiind bekender te maken. Het was leuk om te merken dat meerdere mensen ons al kenden en de mensen die Kiind nog niet kenden waren erg enthousiast. Het was continu erg druk en gezellig aan onze kraam tot de laatste minuut van de beurs toe. Iedereen nam ook enthousiast onze flyer mee. We hebben een ontzettend leuke dag gehad, veel met andere mensen gepraat over opvoeding en duurzaamheid en een deel van onze lezers gezien. Het was geslaagd! Komen jullie volgend jaar ook (weer)?

Vind jij ook dat meer mensen Kiind zouden moeten lezen? We hebben mooie flyers die uitgedeeld kunnen worden op het consultatiebureau, bij de verloskundige, in de kinderwinkel of in het buurtcentrum. Wil jij flyers uitdelen in jouw buurt? Mail ons dan via info@kiind.nl. Alvast bedankt!

Sandii Zachte ©2009
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/11/2009

Puur Speel Goed

Jane in het zonnetje

Bij sommige mensen lopen hobby en werk geheel door elkaar. Bij Jane van Puur Speel Goed lijkt dit het geval te zijn. De passievolle manier waarop zij praat over haar winkel, doet je meteen je portemonnee trekken.
Dus: wees gewaarschuwd!

"Stimuleer fantasie en creativiteit bij kinderen door hier alle ruimte voor te laten en mijd alles dat dit kan beperken."

Kun je iets over jezelf en je gezin vertellen?
In een piepklein plaatsje, waar de koeien nog zwart-wit zijn, de schapen de wol nog met je willen delen en zelfs varkens buiten lopen, daar wonen wij in de heerlijke rust van het platteland. Mijn naam is Jane en samen met Arnold heb ik twee kindjes: Jade van zes jaar en Leff van twee jaar.
Toen Jade een seconde oud was en ik haar dicht tegen me aan hield en de liefde zo mijn lijf in voelde stromen, besloot ik net als zo veel ouders dat ik het allerbeste voor onze kinderen wilde. In onze zoektocht keken we naar lichamelijke en geestelijke gezondheid en zo kwamen onder andere biologische voeding, biologische kleding en speelgoed van natuurlijke materialen in ons leven.

Wat voor producten verkoop je?
Bij Puur Speel Goed verkopen we natuurlike kleding en speelgoed. Prachtige, comfortabele kleding voor baby, peuter en kind van biologisch katoen, wol en zijde, waar ze zich goed in voelen. We hebben verschillende merken onder- en bovenkleding. De grondstoffen bevatten geen pesticiden en ook het productieproces verloopt geheel verantwoord. Puur Goed! Verder bevat het assortiment betoverend en verantwoord speelgoed dat kinderen alle ruimte geeft voor fantasie en creativiteit. Met echte materialen als hout, textiel, metaal, edelsteen, aardewerk en bijenwas. Puur Spelen!
In onze webshop kan fijn worden rondgesnuffeld en ook is er veel informatie te vinden zoals bij het kopje Puur, waar van elk merk dat wij verkopen een stukje staat. Ook hebben wij een blog waarin we nieuwtjes delen en waar artikelen en merken aan bod komen.

Wat onderscheidt jouw winkel van andere webwinkels?
Onze winkel is ontstaan uit ons hart. Het is een passie, een liefde, met hart en ziel zijn we er mee bezig en dat merken mensen aan ons assortiment en het contact met ons. Wij besteden zeer veel aandacht aan het selecteren van artikelen voor onze webwinkel. Verantwoorde producten welke mens en milieu sparen: het kind en zijn toekomst staat centraal. De ontwikkeling en behoeften van kinderen bepalen onze richting, onze overwegingen, onze keuzes. We willen een betere wereld voor kinderen nu en in de toekomst en hopen daar een klein steentje aan bij te mogen dragen. In onze webshop kunnen mensen een ruim assortiment vinden en zeer regelmatig komen er nieuwe artikelen bij.

Welk product is favoriet bij je kinderen en jezelf?
De grote regenboog van Grimm’s Spiel&Holz Design is denk ik wel het meest favoriet bij ons thuis, samen met de Ostheimer figuren. De kleuren van de regenboog stimuleren tot spel. Ze hebben een enorme aantrekkingskracht. Het materiaal is puur: je voelt het hout, de structuur, de warmte. De vorm is altijd mooi, wat je er ook van maakt, de mogelijkheden die de stukken samen en gecombineerd met ander speelgoed hebben zijn eindeloos. Bovendien is het zeer duurzaam en niet aan trends onderhevig en blijft het leuk voor kinderen van alle leeftijden en zelfs voor volwassenen. Zelf word ik ook erg blij van een kindje dat heerlijk in wolletjes is gehuld, een warme knusse verwenning.

Hoe viert jullie gezin het Sinterklaasfeest?
Sinterklaas is het feest dat ieder jaar bij ons gevierd wordt. De opa’s, oma’s, tantes, ooms en lieve vrienden en vriendinnen komen op deze gure dag van heinde en ver naar ons toe gereisd. Warme chocolademelk, kruidige lekkernijen, pompoensoep en lekkere broodjes, we zingen, lezen voor en natuurlijk is er een moment voor de zak die toch ieder jaar weer veel te vol zit. Een heerlijk kinderfeest waar we met zijn allen van genieten.

Wat zou je mee willen geven aan (aanstaande) ouders?
Stimuleer fantasie en creativiteit bij kinderen door hier alle ruimte voor te laten en mijd alles dat dit kan beperken. Fantasie is iets fantastisch. Zoals Albert Einstein al zei: 'Fantasie is belangrijker dan kennis'.

Meer weten? Kijk op de website van Jane.
http://www.puurspeelgoed.nl/

Sandii Zachte © 2009
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/11/2009

Sinterklaascadeaus

Binnenkort komen de feestdagen er weer aan. Er worden niet alleen met Sinterklaas, maar steeds vaker ook met Kerstmis cadeautjes gegeven aan de kindenen. En dan is je kind misschien ook nog rond de feestdagen jarig. Wat kun je nou toch nog geven? Ze hebben toch alles al?

De schijf van vijf
Het is aan te raden om eens te kijken wat je kind allemaal al bezit. Marianne de Valck van het Adviesbureau Spelen en Speelgoed heeft de schijf van vijf bedacht.
Er zijn vijf soorten spel en speelgoed: creatief, constructief, cognitief, sociaal en motorisch.

Creatief spel laat zich omschrijven als spel waarbij de ervaring belangrijker is dan het resultaat: lekker met je handen in de verf of klei, muziek maken, dansen. Niet denken, maar doén.
Constructief spel is bouwen het maken van constructies. Dit kan bijvoorbeeld met blokken of bouwstenen, maar ook het maken van puzzels met slechts één oplossing valt onder constructief spel. Kinderen oefenen hiermee het probleemoplossend vermogen.
Cognitief spel is bijvoorbeeld het onderzoeken van de natuur, het lezen van informatieve boeken en het spelen van leerspellen zoals elektronische spellen waarbij een kind zelf de antwoorden kan controleren.
Sociaal spel is het samen spelen. Kinderen leren omgaan met regels en rekening houden met elkaar. Denk hierbij aan kring- en gezelschapsspellen.
Motorisch spel is bijvoorbeeld het doen van bewegingsspellen, maar ook fijn-motorische spelen zoals strijkkralen, punniken en kralen rijgen vallen hier onder.

Voor welke gebieden heb je al veel in huis? En voor welke minder? Dit kun je meenemen bij je cadeautjes-zoektocht.

Waar let je op?
Let eens op wat je kind bezighoudt. Vindt je kind het leuk om met potten en pannen te spelen, dan kan het heel goed behoefte hebben aan een speelkeukentje met materialen. Legt je kind een lapje over de knuffel, dan is hij of zij misschien toe aan een pop met bedje of wagentje.
Steeds kun je overwegen: vraagt dit spel om levensechte imitatiematerialen of om fantasiestimulerende basismaterialen zoals stof en hout? In het geval van een keukentje is het leuk om goed na te kunnen bootsen en dus metalen pannetjes en emaille bekertjes te kiezen, levensecht dus. Bij het spelen met poppen speelt de sociale-emotionele ontwikkeling een grote rol. Het kan fijn voor het kind zijn om een pop te hebben die lekker zacht is en weinig uitdrukking op het gezicht heeft. Het kind laat de pop dan mee gaan met de emoties van het kind, oftewel: dit is fantasiestimulerend.

Speelgoedtips
Eerder gaven we in Kiind al spel- en speelgoedtips, naar aanleiding van de beschrijving van de ontwikkelingen. Onderaan deze tekst zie je de links naar die artikelen.

Speelgoed dat lange tijd leuk blijft
Een bal
Een speelkeukentje of -huisje
Blokken
Grote bouwstenen die je op elkaar kunt klemmen
Klei, zand en water
Een zachte pop
Muziekinstrumenten
Verkleedspullen
Treinbaan of auto’s
Krijtjes of potloden
Voorleesboekjes

Cadeautips
- Je kind hoeft niet veel cadeaus te krijgen, een paar mooie cadeaus geven is een stuk duurzamer dan allerlei kleine prullen die snel stuk gaan.
- Kleding of beddengoed is zowel nuttig om te geven als leuk om te krijgen. Denk bijvoorbeeld aan een mooie jas, goede schoenen of een leuke broek.
- Als je kinderen de peuterleeftijd bereikt hebben is het al mogelijk om de kinderen cadeautjes voor elkaar te laten maken bij verjaardagen of kerst.
- Baby’s en dreumessen vinden het uitpakken vaak het leukste. Als je hun eigen speelgoed weer opnieuw inpakt of ze alleen zeer nuttige cadeaus geeft, hebben ze niet minder plezier.
- Verzin een thema waar binnen je cadeautjes kunt geven. In het ene pakje zit dan bijvoorbeeld een boerderij en in een andere de diertjes. Of in het ene pakje zit een ooglapje, in het andere een hoofddoek en in het derde een schatkaart.
- Er zijn zoveel boeken op de markt. Kijk eens eerst in de boekwinkel voordat je naar de speelgoedwinkel loopt!

Op zoek naar meer ideeën? Iedere zondag vind je in de blog een cadeautip!

De spel-artikelen van Kiind:
Babyspel 1 | Spelontwikkeling bij pasgeborenen
Babyspel 2 | Door spel de wereld leren kennen
Spelende dreumes | Je hulpje in huis
Peuterspel | Verkleden en ravotten
Kleuterspel | Bouwen, knutselen en rollenspel
Kinderspel | Leren door te spelen

Meer lezen?
Over vieringen
http://www.kiind.nl/articles/104/Vieringen.html

Over speelgoed
http://www.speelgoedadvies.nl/schijf_van_vijf.html

Sandii Zachte © 2009
Dit artikel is gepubliceerd in Kiind op 01/11/2009